Dit bericht beschrijft een adres in Zeist waar tijdens de bezetting een of meerdere joodse onderduikers verbleven. Een overzicht van dergelijke adressen en de daar geregistreerde onderduikers is te vinden via bekende onderduikadressen.
Wie weet meer? Suggesties voor correctie, wijziging en aanvulling kunnen doorgegeven worden via het contactformulier op deze site.
(Nieuw ten opzichte van het Onderduikboek en het Supplement)
Onderduiker:
- Joseph Wurms, slager (Den Haag, 16 augustus 1919 – Zoetermeer, 28 oktober 1994)
Onderduikgevers:
- Hendrikus Rijks, gewezen sergeant van de infanterie (Arnhem, 11 juni 1895 – Zeist, 4 december 1954), en
- Janna Gerdina Harmina Rijks-van Asperen (Arnhem, 28 maart 1898 – onbekend)
Drie volwassen kinderen
De joodse Joop (Joseph) Wurms uit Den Haag heeft al indrukwekkende ervaringen achter de rug als een medewerker van het Haagse gemeentehuis hem een vals persoonsbewijs bezorgt. Dat persoonsbewijs staat op naam van ‘Johannus Jacobus Willems’, net als Joop Wurms geboren op 16 augustus maar dan 10 jaar eerder, in 1909. Met zijn valse persoonsbewijs wordt Joop Wurms geregistreerd in het bevolkingsregister van Zeist.
Als datum van vestiging in Zeist wordt 14 december 1942 vermeld, maar hij zal hier pas in 1943 onderduiken. Zijn eerste onderduikadres is niet bekend – althans, zeer onzeker is of het Koppelweg 73 is, zoals op zijn valse persoonsregistratie wordt vermeld.
Bij afwezigheid van Joop Wurms wordt zijn eerste Zeister onderduikgever gearresteerd. Daarna kan hij terecht bij de kweker Jan Kuperus op Kroostweg 106 (na de bevrijding 176). Tijdens een verjaardagsfeestje bij de buren van zijn onderduikgevers leert Joop Wurms, die inmiddels 24 jaar is, de twee jaar jongere Gerdina Hermina Francina Rijks (Arnhem, 18 oktober 1921) bij een spelletje kennen. Het klikt en op 1 januari 1944 verloven zij zich. Joop Wurms later: ‘Veel spanningen, maar erg veel gelachen!’
Na verraad worden kweker Kuperus en zijn onderduikers gearresteerd, maar de onderduikers weten te ontsnappen en gaan terug naar Zeist, waar ze anderen waarschuwen. Joop Wurms duikt dan tijdelijk onder in Den Haag, maar keert terug naar Zeist en verloofde Gerdina. Hij blijft een tijdje in haar ouderlijk huis, Utrechtseweg 9a.
Daarna vervolgt hij zijn onderduikroute via de garderobe van het naastgelegen zwembad Mooi Zeist, op Utrechtseweg 9. Als er bij het zwembad geen werk meer voor hem is, gaat hij verderop werken bij Café De Biltsche Hoek, aan de Holle Bilt, in het verlengde van de Utrechtseweg. Weer later werkt hij in een fabriek waar onder andere bouten worden gemaakt voor vliegtuigen. Zonder zijn in beslag genomen Ausweis moet hij vrezen voor de Arbeitseinsatz. Op gegeven moment wordt hij ziek en komt hij tot de bevrijding niet meer aan het werk.
Waar hij in die periode ondergedoken is, is niet bekend, maar zijn verloofde wilde graag trouwen. Dat gebeurt op 8 maart 1945 in Zeist onder zijn werkelijke naam. In tegenstelling tot zijn ouders en zusje haalt Joop Wurms de bevrijding.
Bronnen:
- Mededelingen van Ellis Wurms
- Zie het bewezen onderduikadres Kroostweg 176 (tijdens de bezetting 106), het niet-bewezen onderduikadres Koppelweg 73 (valse registratie) en het bewezen onderduikadres Utrechtseweg 9
- Gemeentearchief Zeist, bevolkingsregister; 1499-1500, register van illegalen, ‘Johannus Jacobus Willems’
- ITS Arolsen, digitale collecties, Joodse Raad-kaart voor Joseph Wurms
- wiewaswie en digitaal joods monument, Abraham en Maria Wurms-Bego en hun familie, Barend en Liontine de Koning-Wurms

