Tijdens de bezetting werden in Zeist meer dan 900 personen met valse gegevens opgenomen in het lokale bevolkingsregister, vooral joodse onderduikers en onderduikers voor de Arbeitseinsatz. Dit bericht beschrijft een adres waarvoor een of meer valse registraties herleid konden worden tot de werkelijke identiteit van joodse personen. Een overzicht van alle adressen en onderduikers is te vinden via valse registraties van bekende onderduikers.
Het staat niet vast dat de betrokken personen werkelijk op de genoemde adressen ondergedoken zaten.
Wie weet meer? Wie iets meer weet over dit adres en/of de genoemde onderduikers wordt vriendelijk verzocht om contact op te nemen via het contactformulier op deze site.
Onderduikster:
- Frederika Boasson, ongehuwd, lerares Frans (Amsterdam, 4 maart 1910 – Amstelveen, 19 januari 1988)
Bewoonster (= onderduikgeefster):
- Maria Frederika Johanna de Bruin-Kelling, weduwe, zonder beroep (Amboina-Nederlands-Indië, 25 april 1889 – Zeist, 14 maart 1953)
Frederika Boasson was de dochter van Joseph Bernard en Margarethe Boasson-Boasson die in Middelburg hadden geleefd. Joseph Bernard Boasson was medefirmant van Boasson en van Overzee, importeurs en exporteurs van Indische artikelen, oud-curator (penningmeester) van de joodse organisatie Keren Hajesod en filantroop. Hij en zijn echtgenote waren al jong overleden, in 1926 (55 jaar oud) respectievelijk in 1917 (31 jaar oud). Behalve dochter Frederika had het echtpaar Boasson-Boasson twee zoons gekregen, Charles en Hein die beiden jurist werden.
Charles Boasson (Amsterdam, 25 januari 1912) vertrok met echtgenote en dochter op 22 februari 1939 naar Jerusalem, waar hij op 2 november 2001 zou overlijden.
Hein Boasson was van 17 september 1934 tot 21 september 1940 als advocaat en procureur in Zeist gevestigd, waarna hij naar Baarn vertrok. Hij liet zich tijdens de bezetting dopen, om een kerkelijk huwelijk aan te gaan, waaruit een dochter werd geboren. Het huwelijk werd aanvankelijk na de bevrijding niet erkend. Hein Boasson (Amsterdam, 25 januari 1908) werd in augustus 1944 verraden, op 21 augustus ingesloten in Kamp Westerbork (strafbarak 67), op 3 september gedeporteerd naar Auschwitz en daar op 31 december 1944 vermoord. Zijn naam wordt vermeld op het Holocaustmonument in Zeist.
Het vermogen van Hein, Frederika en Charles Boasson werd als vijandelijk vermogen door de Duitse bezettingsmacht onder beheer gesteld van de Deutsche Revisions- und Treuhand AG, Zweigstelle Den Haag.
Volgens een overzicht van de JCC bevond Frederika Boasson zich bij de bevrijding op Socrateslaan 2 in Zeist. Of ze daar ook ondergedoken had gezeten, is niet bevestigd.
Bronnen:
- JCC-overzicht (status?)
- Stadsarchief Amsterdam, indexen, archiefkaarten voor Frederika en Charles Boasson
- Nationaal Archief, toegang 2.08.68, Inventaris van het archief van de Abteilung Feindvermögen van het Reichskommissariat in den besetzten Niederländischen Gebieten, 1940-1945, inventarisnummers 1744, H., F. en Ch. Boasson respectievelijk F. Boasson (niet geraadpleegd)
- ITS Arolsen, Joodse Raad-kaarten van Hein en Frederika Boasson
- Digitaal Joods monument, Hein Boasson (hier wordt als overlijdensdatum 31 januari 1945 vermeld, terwijl het Utrechts Archief 1 januari 1945 als overlijdensdatum geeft)


