Dit bericht beschrijft een adres in Zeist waar tijdens de bezetting een of meerdere joodse onderduikers verbleven. Een overzicht van dergelijke adressen en de daar geregistreerde onderduikers is te vinden via bekende onderduikadressen.

Wie weet meer? Suggesties voor correctie, wijziging en aanvulling kunnen doorgegeven worden via het contactformulier op deze site.

(Zie pagina’s 108-112 van het Supplement)

Onderduikertje:

  • Jaap Max Grunwald, scholier (Den Helder, 23 februari 1936 – geëmigreerd naar Israël)

Valse persoonsregistratie voor:

  • Dolf Hans Grunwald (Den Helder, 16 september 1932)

Onderduikgeefster:

  • Martina Wilhelmina Peil, gescheiden (Breda, 30 april 1891 – Bennekom, 28 april 1979)

Bij de afronding van het Onderduikboek meldde Fritz van Hattem dat zijn grootmoeder Martina Peil, ‘Moeke’, in haar woning op Professor Lorentzlaan 137 onderduik had verschaft aan een joodse jongen. Rond 1980 was hij in een Zuid-Limburgse horecagelegenheid aangesproken door Dolf Grunwald, de voormalige psycholoog van Ajax die tot 1970 spelers als Johan Cruijff en Piet Keizer had moeten doorgronden.

Zelf had Dolf Grunwald zijn hele onderduikperiode doorgebracht in een bijzonder gezin, namelijk bij het echtpaar Ybele en Mat Coehoorn-Spilker en hun dochter Miep in Utrecht. Nadat de meubelzaak van Ybele Coehoorn in de crisisjaren failliet was gegaan, was zijn echtgenote kostwinner voor het gezin. Ze werkte als ‘psychiatrisch geschoold maatschappelijk werker’ bij de WA Hoeve in Den Dolder en kon daarvoor beschikken over de auto van de buitendienst. Tijdens de bezetting bracht ze daarmee distributiebonnen en valse persoonsbewijzen rond.

Ook regelde Mat Coehoorn-Spilker adressen voor joodse onderduikers. Zo bracht ze het echtpaar Grunwald-Vaz Dias en hun beide zoons op verschillende plaatsen onder. Zoontje Dolf (Adolf Hans, 1932) namen zij en haar echtgenoot zelf in huis en tijdelijk ook nog een ander joods kind. Dolfs jongere broertje Jaap (Jaap Max) kwam via haar terecht in Sassenheim.

Dat Mat Coehoorn-Spilker ook in haar arbeidsplaats Zeist goede illegale contacten had gekregen, mag blijken uit het feit dat zowel Dolf als Jaap Grunwald daar ‘gelegaliseerd’ werden. De jongens werden ingeschreven in het Zeister bevolkingsregister als ‘Adolf Hans Govers’ en ‘Jaap Max ‘Govers’. Ze zouden op 1 juli 1943 uit Amsterdam naar Professor Lorentzlaan 137 zijn gekomen. Hun geboortedata klopten, maar als geboorteplaats was Tandjong Priok in Nederlands-Indië genoteerd. Bij valse persoonsregistraties werd vaker een Indische komaf gefingeerd, om donkere haren te verklaren. Mogelijk was het de bedoeling om beide jongens samen op Lorentzlaan 137 onder te brengen, maar alleen Jaap Grunwald kwam daar terecht.

Onderduikgeefster Martina Peil was in 1938 gescheiden van Frans van Hattem en woonde daarna samen met majoor der infanterie Jacob Blokhuis. Uit haar eerdere huwelijk had ze twee zoons, waarvan de oudste met zijn gezin in Nederlands-Indië verbleef en de jongste nog thuis woonde.

Jacob Blokhuis had vanaf augustus 1940 gefungeerd als districtscommandant van de militaire verzetsorganisatie Ordedienst in Zeist en omstreken. In verband daarmee was hij in september 1941 gearresteerd op Lorentzlaan 137 en in maart 1942 in Hotel De Witte op de Amersfoortse Berg door het Feldkriegsgericht ter dood veroordeeld. Nadat dat vonnis tegen Jacob Blokhuis en 61 mede-veroordeelden was bekrachtigd, werden ze naar het concentratiekamp Sachsenhausen gebracht en daar op 3 mei 1942 gefusilleerd.

Ondanks het dodelijke gevolg van het verzetswerk van haar levensgezel besloot Martina Peil in 1943 toch om zelf onderdak te geven aan een joodse onderduiker. Dat deden de schoonouders van haar oudste zoon ook. Het echtpaar Maljers-de Bie gaf op Platolaan 35 onderduik aan een joods meisje. Hun dochter Floor Maljers was betrokken bij de vervalsing van persoonsbewijzen op het Zeister gemeentehuis en verloofd met een lid van de KP (Knokploeg) Zeist.

Jaap Grunwald was eerst in Sassenheim geweest. In Zeist ging hij naar de lagere school. Zijn voornamen en geboortedatum had de jongen behouden en voor het overige zal hem geleerd zijn om zich te presenteren met de achternaam ‘Govers’. Risicovol was dat wel, want niemand mocht van een 7-jarige verwachten dat hij zijn valse identiteit consequent zou kunnen volhouden. En al gauw werd het voor hem te gevaarlijk in Zeist: Jaaps beste schoolvriendje was lid van de Hitler-Jugend. Dat bracht ongewenste risico’s met zich mee. Hij moest daarom na een half jaar terug naar zijn vorige onderduikplaats in Sassenheim.

Hij overleefde de bezetting, net als zijn broer en zijn ouders. Anno 2021 zegt Jaap Grunwald over het onderduiken: ‘Ik ben overal uitstekend behandeld. Onderduikgevers waren de ware helden. Ik heb echter nooit meer contact gezocht met de mensen die mij beschermd hadden, want ik had alle herinneringen aan die tijd – waarin ik toch alleen was – gekapt. Pas in 2009 ben ik erover gaan praten tegen mijn kinderen en tegenwoordig houd ik af en toe een lezing op een school.’ De ontmoeting in Zuid-Limburg kan hij zich nog herinneren. Zijn broer Dolf hoorde de naam Van Hattem vallen en stapte er meteen op af. Zelf was hij blijven zitten, toen nog steeds niet toe aan een gesprek over die onderduiktijd.

Onderduikgeefster Martina Peil – ‘mevrouw Van Hattem’ – kreeg na het vertrek van haar jonge onderduiker nog een tweede zware slag te verwerken. Ook haar nog thuiswonende jongste zoon Fritz van Hattem raakte betrokken bij het KP-werk, in de vorm van sabotage-acties. In de vooravond van ‘Dolle Dinsdag’ 5 september 1944 verliet hij om negen uur ’s avonds Professor Lorentzlaan 137, om samen met een andere KP’er, een telefoonkabel te vernielen in de buurt van villa Pasadena en het Christelijk Lyceum, waar een hoofdkwartier van de Sicherheitsdienst gehuisvest was. Toen ze betrapt werden door een Duitse patrouille wist de andere KP’er te ontkomen, maar Fritz van Hattem werd gearresteerd. Na 's morgens rond 8 uur verhoord te zijn, werd het doodvonnis uitgesproken. Hij werd naar Kamp Amersfoort gebracht, waar de kampcommandant een driepersoons vuurpeloton samenstelde. Na voorlezing van het vonnis werd Fritz van Hattem vlakbij de hoofdpoort van het kamp doodgeschoten en begraven. Diezelfde dag om drie uur ’s middags werd in Zeist een bekendmaking aangeplakt:

BEKENDMAKING – De Nederlander Frits van Hattem, geboren 8 april 1922, woonplaats in Zeist, Prof. Lorentzlaan 137 heeft in de nacht van 4 op 5 september 1944 aan een kabelsabotage deelgenomen en werd standrechtelijk doodgeschoten. Met hem zijn 10 saboteurs terechtgesteld.

Nog die 5e september 1944 vertrok de Sicherheitsdienst veiligheidshalve uit Zeist naar het Oosten, in verband met de berichten over een geallieerde opmars.

Martina Peil was voor de gemeente Zeist de aangewezen persoon om op 4 juli 1951 het grote lokale oorlogsmonument onthullen.

In april 1953 verwoestte een brand de villa Pasadena en op die plaats werd een parkflat voor ouderen gebouwd. Het was daar dat Martina Peil haar intrek nam, vermoedelijk niet bekend met het feit dat ongeveer op die plaats het lot van haar jongste zoon bezegeld was.

Bronnen:

  • Mededelingen van Fritz van Hattem en Jaap Max Grunwald
  • Gemeentearchief Zeist, 1499-1500, register van illegalen, ‘Adolf Hans Govers’, ‘Jaap Max ‘Govers’
  • leiden.courant.nu, Nieuwe Leidsche Courant, 3 mei 1947, ’70 maal klonk het onmenselijk: “Zum Tode”
  • Annemiek Bal, ‘Het Zeister verzet’, Historische Uitgeverij Rotterdam, Utrecht, 1999, 28, 29 43 (Jacob Blokhuis) en 103-104 (Fritz van Hattem)
  • verpleegkundigerfgoed.nl, Cecile aan de Stegge, ‘Mat Coehoorn-Spilker’ (1899-1989), oktober 2015
  • www.oorlogsgravenstichting.nl, ‘Fritz Otto van Hattem’ (Onderzoek Stichting Nationaal Monument Kamp Amersfoort)
  • Zie het bewezen onderduikadres Platolaan 35 voor informatie over onderduik en over Floor Maljers

2. Majoor Jacob Blokhuis

3. Overlijdensbericht van Jacob Blokhuis in De Zeister Courant van 9 mei 1942.

4.1. Floor Maljers was actief in het vervalsen van persoonskaarten

4. Valse persoonsregistratie in Zeister bevolkingsregister van Dolf Hans Grunwald

5. Martina Peil op 30 mei 1973, 82 jaar oud