Dit bericht beschrijft een adres in Zeist waar tijdens de bezetting een of meerdere joodse onderduikers verbleven. Een overzicht van dergelijke adressen en de daar geregistreerde onderduikers is te vinden via bekende onderduikadressen.

Wie weet meer? Suggesties voor correctie, wijziging en aanvulling kunnen doorgegeven worden via het contactformulier op deze site.

Zie het Onderduikboek, pagina’s 461-462

Onderduikster:

  • Elsa Horwitz-Norden, weduwe (Leipzig – Duitsland, 3 februari 1879 – Voorburg, 21 december 1957)

Onderduikgeefster:

  • Anna Neeltje Brandwijk-van den Berg, gehuwd/weduwe (Amsterdam, 23 oktober 1892 – Zeist, 13 juli 1965)

Wanneer het echtpaar Viola-Brandwijk in de zomer van 1942 twee onderduikers in huis neemt, zorgt Frans Viola ook voor een onderduikadres voor de moeder van een van hen. Hij brengt Elsa Horwitz-Norden onder bij zijn schoonouders, het echtpaar Dirk en Anna Brandwijk-van den Berg, op Panweg 38.

Dirk Brandwijk is waarschijnlijk niet meer betrokken bij de onderduik. Gedurende zijn leven had hij zich ontwikkeld tot een prominente en markante Zeistenaar.

Al in een vroeg stadium van de bezetting heeft NSB-politieman Evert Drost zich in een van zijn rapporten aan de kringleider beklaagd over Brandwijk. Die organiseerde, in zijn hoedanigheid van voorzitter van een sportbond, jiu jitsu-cursussen. Ook de gymleraar van het Christelijk Lyceum was er bij betrokkenen Drost vermoedde dat het om een verkapte opleiding voor een knokploeg ging, maar moest het toch laten gebeuren. De Sicherheitspolizei in Utrecht had de gevraagde toestemming verleend.

Ex-beroepsmilitair Dirk Brandwijk, later journalist van beroep, is lid van de inmiddels opgeheven gemeenteraad geweest en heeft uiteenlopende functies bekleed. Als hij op 29 augustus 1942 overlijdt, wordt deze prominente Zeistenaar onder een overweldigende belangstelling begraven.

Na het overlijden van Brandwijk staat zijn woonadres minder in de belangstelling en is er ook ruimte voor een onderduiker.

Elsa Horwitz-Norden is niet onbemiddeld. Haar familie heeft een goedlopende bontzaak in Den Haag gedreven. De juwelen van de onderduikster worden tot na de bevrijding bewaard door de vader van Frans Viola, die een schoenmakersbedrijf heeft op Dwarsweg 60-62. Elsa Horwitz-Norden overleeft de bezetting.

Elsa’s zoon Erich Horwitz trouwt eind 1946 met de weduwe van Frans Viola.

Bronnen:

  • Mededelingen van Joke Mica
  • Reddingsverhaal Yad Vashem voor Franciscus Viola en Johanna Horwitz-Brandwijk
  • Nationaal Archief, Centraal Archief Bijzondere Rechtspleging (CABR), toegang 2.09.09, inventarisnummers 700 II-62533 en BvRC 847/48, E.C. Drost (over door D.F. Brandwijk georganiseerde cursussen)
  • Utrechtse courant van 3 september 1942, ‘D.F. Brandwijk ter aarde besteld’

1. Panweg 56