Dit bericht beschrijft een adres in Zeist waar tijdens de bezetting een of meerdere joodse onderduikers verbleven. Een overzicht van dergelijke adressen en de daar geregistreerde onderduikers is te vinden via bekende onderduikadressen.

Wie weet meer? Suggesties voor correctie, wijziging en aanvulling kunnen doorgegeven worden via het contactformulier op deze site.

(Nieuw ten opzichte van het Onderduikboek en het Supplement)

Onderduikers:

  • Elkan Joachim de Jong, apotheker (Apeldoorn, 9 april 1913 – Bergschenhoek, 29 augustus 1994)
  • echtgenote Frederika Hanna de Jong-Bosman (Rotterdam, 16 september 1915 – nog niet bekend)

Onderduikgeefster:

  • Johanna Maria van Zanten, ongehuwd, apotheker (Zeist, 26 februari 1915 – Zeist, 11 maart 1999)

Na de Duitse inval in Nederland proberen de nazi’s het ‘broedervolk’ voor zich te winnen. Toch zijn er genoeg Nederlanders die de dreiging juist inschatten. Onder hen in elk geval de 388 mensen die al in mei 1940 kiezen voor zelfdoding, voor het merendeel joodse personen.

De eerste grote test van de solidariteit van niet-joodse Nederlanders met hun joodse landgenoten is de niet-jood-verklaring voor ambtenaren. De verklaring wordt massaal getekend. In Zeist weigeren gemeenteraadslid Johan Scheps en zijn vriend Theo Inden als twee van de zeer weinigen de verklaring te tekenen.

Ook Rotterdammer Eric (Frédéric Jean) Krop, zoon van een predikant en diens Franse echtgenote, verzet zich van meet af tegen de nazi’s. Krop trouwt op 10 juli 1940 in Rotterdam. Bij het begin van de bezetting is de jurist werkzaam bij de Economische Voorlichtingsdienst. Hij is een intellectueel, met diepe interesse in de Thora en andere joodse aangelegenheden.

Krop begint identiteitskaarten te vervalsen in de vroegste dagen van de bezetting, zodat joodse mensen al kunnen onderduiken als vrijwel niemand daaraan denkt. Zo helpt hij onder andere het jonge echtpaar Elkan en Frederika de Jong-Bosman. Krop wordt al in april 1941 voor de eerste keer gearresteerd en zal in 1942 voor de rest van bezetting in het concentratiekamp Dachau belanden. Of het echtpaar De Jong-Bosman voor of na de eerste arrestatie valse persoonsbewijzen van Krop heeft ontvangen is niet bekend, maar vaststaat dat ze al in 1941 onderdoken.

Hun onderduikroute voert ze naar Zeist. Elkan de Jong is apotheker van beroep en zijn vrouwelijke collega Mies (Johanna Maria) van Zanten neemt hem en zijn echtgenote op in haar woning, boven de Van Lennep-apotheek op Nicolaas Beetslaan 53.

Het joodse echtpaar blijft er kort, van 22 juli tot 12 augustus 1941, wat blijkt uit een vaas die ze later aan Mies van Zanten zullen geven, ‘ter herinnering aan spannende dagen’.

Elkan en Frederika de Jong-Bosman overleven de bezetting in onderduik. Maar als ze bijna vier (!) jaar later bovengronds komen, zijn de ouders van Elkan, het echtpaar Henoch en Rosa de Jong-Sanders, in Sobibor vermoord en Frederika’s ouders Jacob en Mina Bosman-Cohen en haar gehandicapte zuster Hanna in Bergen Belsen.

Elkan de Jong doorloopt na de bevrijding een succesvolle carrière als apotheker en wetenschapper, gelet op de patenten die hij vestigt op een aantal van zijn uitvindingen. Onder meer Organon maakt er gebruik van. De Jong overlijdt in 1994.

Apotheker Mies van Zanten trouwt na de bezetting, maar het huwelijk eindigt in een scheiding. In 1958 hertrouwt zij en in datzelfde jaar vestigt ze zich op de Slotlaan in Zeist, waar ze dan de bekende apotheek Van Zanten exploiteert.

De onverschrokken jodenhelper Eric Krop, die na zijn eerste arrestatie meteen weer doorging met zijn illegaal werk, heeft Dachau overleefd, maar heeft door zijn ontberingen wel een long verloren. Het belet hem niet om in 1945 te promoveren in de rechten, in 1948 af te studeren in de economische wetenschappen en een praktijk als bedrijfskundig adviseur op te bouwen. Vanaf 1959 zit mr.dr. F.J. Krop in de Rotterdamse gemeenteraad, enige tijd als fractievoorzitter van de CHU (Christelijk-Historische Unie), tot hij in 1969 wordt benoemd tot burgemeester van Bleiswijk. Tijdens dat burgemeesterschap overlijdt hij, op 60-jarige leeftijd. Krop is dan al op 9 maart 1968 door Yad Vashem onderscheiden als Rechtvaardige onder de Volkeren en in Rotterdam komt na zijn dood de Eric Kropstraat.

Bronnen:

  • Mededelingen van/via Arnold en Marijke Bouwman-Kok
  • Stadsarchief Rotterdam, Personen
  • Digitaal joods monument, Jacob en Mina Bosman-Cohen en Hanna Bosman respectievelijk Henoch en Rosa de Jong-Sanders
  • Nieuw Israelietisch weekblad van 19 december 1958
  • Wikipedia, Eric Krop
  • Jaarboekje 1963/64 Christelijk-Historische Unie

1. Nicolaas Beetslaan 53

2. De apotheek in 1931 op Nicolaas Beetslaan 53

3. Eric (F.J.)Krop, die al aan het begin van de bezetting begon met het vervalsen van identiteitskaarten. (De foto is uit 1966)

4. Hanna Bosman., de gehandicapte zuster van Frederika Bosman, vermoord in Bergen Belsen

5. Jacob Bosman, de vader van Frederika Bosman, vermoord in Bergen Belsen

6. Mina Bosman-Cohen, de moeder van Frederika , eveneens vermoord in Bergen Belsen

7. Overlijdensadvertentie, op 2 september 1994 in het Nieuw Israëlitisch Weekblad, van Elkan Joachim de Jong