Dit bericht beschrijft een adres in Zeist waar tijdens de bezetting een of meerdere joodse onderduikers verbleven. Een overzicht van dergelijke adressen en de daar geregistreerde onderduikers is te vinden via bekende onderduikadressen.

Wie weet meer? Suggesties voor correctie, wijziging en aanvulling kunnen doorgegeven worden via het contactformulier op deze site.

(Zie het Onderduikboek, pagina’s 303-306)

Onderduikers:

  • Toni Eva Cornelius-Marx, gehuwd (Rotterdam, 16 december 1911 – Zeist, 9 mei 1985)
  • dochter Laura Renate Cornelius (Eindhoven, 12 juni 1935 – Olst, 11 november 2003)
  • dochter Anne Elisabeth Cornelius (Eindhoven, 26 november 1936)
  • dochter Valentine Petra (Cornelius (Den Haag, 11 april 1940)

Bewoners (= onderduikgevers?):

  • Dirk Seegers, sergeant-majoor LVA (Arnhem, 25 september 1896 – Leiden, 22 december 1961)
  • echtgenote Aartje Seegers-van Veenendaal (Rhenen, 25 juli 1895 – Zeist, 8 augustus 1978)

Een dochter (1916, op 6 mei 1943 in Zeist gehuwd)

Ten tijde van de Duitse inval woont het echtpaar Peter en Eva Cornelius-Marx in Eindhoven. Eva is een kleindochter van Laura Henschel-Rosenfeld. Ze is getrouwd met de niet-joodse Peter Cornelius die zich echter in zijn jeugdjaren aangesloten heeft bij de joodse jeugdbeweging Blauw Weiss in Berlijn. Dat is niet onopgemerkt gebleven, en het heeft zelfs geleid tot een splitsing in een orthodoxe en vrijzinnige, joodse jeugdbeweging.

Wanneer Peter Cornelius in Nederland is, probeert hij de Nederlandse nationaliteit te verwerven, maar zijn aanvraag wordt in 1937 afgewezen. Hij werkt tot eind 1942 bij Philips, maar legt zich inmiddels toe op het vervalsen van persoonsbewijzen. Met Frits Steiner, een neef van zijn echtgenote, maakt hij deel uit van een groep mensen die persoonsbewijzen vervalsen.

Steiner, arts in Amsterdam – die zijn illegale activiteiten ook in Zeist ontplooit – is volgens de verordening van de bezetter ‘voljoods’, maar heeft weten te regelen dat hij als ‘half-joods’ door het leven kan gaan. Op 21 december 1942 wordt Frits Steiner in Amsterdam gearresteerd na verraad door een afnemer van een vals persoonsbewijs. Er zal een zware gang volgen langs achtereenvolgens Kamp Amersfoort, Kamp Vught, Kamp Westerbork, Auschwitz, Oranienburg, Sachsenhausen en Dachau. Pas op 30 april 1945 wordt Dachau door de Amerikanen bevrijd en daarmee Frits Steiner.

Een dag nadat Frits Steiner is gearresteerd, staat de Sicherheitspolizei bij Peter Cornelius voor de deur. Aangenomen wordt dat Cornelius verraden is nadat in het Philips-laboratorium te breed bekend is geworden waar hij buiten werktijd mee bezig is.

Voor alle zekerheid heeft hij op anderhalve kilometer van zijn woonadres al een schuilplaats gebouwd, op zolder bij een bevriende Philips-collega. Hij heeft zelfs geoefend op een ontsnapping van zijn woning naar die schuilplaats, waarbij hij over een schutting moet springen. Als de Sipo-beambte even naar de voordeur loopt, om de overvalwagen dichterbij te roepen, blijft Cornelius achter met een Nederlandse politieman. Hij zegt ‘Geef me 30 seconden’, springt vervolgens uit het raam en over de schutting, maar het huizenblok is omsingeld. Hij wijst een toesnellende Duitse soldaat behulpzaam in welke richting de ontsnapte arrestant is gelopen en loopt dan een willekeurige woning binnen. ‘U heeft geluk’, zegt de bewoonster, ‘hiernaast wonen NSB’ers.’ Ze laat hem alleen in het huis – een slimme zet, want nu treft de Sicherheitspolizei niemand thuis – en gaat de vriend op het onderduikadres waarschuwen. Als zijn achtervolgers het duidelijk opgegeven hebben, trekt Peter Cornelius ‘s avonds een felle sprint naar zijn schuilplaats. Vally Cornelius anno 2020: ‘In die schuilplaats is mijn vader intensief doorgegaan met het vervalsen van persoonsbewijzen. Daar gebruikte hij een stempel voor, die hij uit een aardappel had gesneden. Niet één van de gebruikers is gearresteerd. De hele groep heeft zo’n 600 persoonsbewijzen vervalst.’

De Sicherheitspolizei is op 22 december echter niet met lege handen vertrokken. Echtgenote Eva is gearresteerd en als gijzelaar in de gevangenis in Arnhem opgesloten. Dit in de gedachte – die ijdel zal blijken te zijn – dat Peter Cornelius zich dan wel zal melden. Maar vooraf heeft hij met Eva afgesproken dat ze zich niet onder druk moet laten zetten. Als het hem gelukt zou zijn om Nederlander te worden, had men haar als ‘voljoods’ strafgeval naar Kamp Westerbork kunnen brengen, maar nu verzet de Duitse wetgeving zich daartegen. Als Eva Cornelius-Marx drie maanden gevangen zit, weet haar moeder haar te helpen. Zonder jodenster, dat wel, bezoekt Vali Marx-Henschel de Philips-directie, de Eindhovense politie en de Sicherheitsdienst.

Uiteindelijk koopt Philips Eva voor 2.500 gulden vrij. Ze duikt meteen met haar drie dochters onder in Zeist, waar haar grootmoeder en tante tot in 1942 op Verlengde Slotlaan 33 hebben gewoond. De illegale werkers op de gemeentesecretarie ‘legaliseren’ haar als ‘Toni Eva Cornelis-Martens, op het adres Oranje Nassaulaan 23. Ook Eva’s moeder, broer Ernst en zuster Annerie zitten ondergedoken in Zeist, op meerdere adressen.

De Hongerwinter maken Eva en haar dochters nog mee op Louise de Colignyplein 5. Daar is het gevaarlijk, want op nummer 8 vinden op 16 en 23 januari 1945 invallen van de Sicherheitspolizei plaats. De enige herinnering uit deze periode is er één uit een kinderziel. Er wordt een broodnodig kommetje – keramisch, ook nog zonder oor – geruild tegen het mooie witte bontjasje van de 3-jarige Valentientje Cornelius. Dat doet haar pijn, ook al was het jasje te krap geworden.

De bevrijding beleven Eva Cornelius-Marx en haar dochters samen met Eva’s moeder Vali Marx-Henschel en broer Ernst Marx op Laan van Beek en Royen 11.

Bronnen:

  • Herinneringen van Vally Cornelius en Thomas Steiner
  • ITS Arolsen, digitale collecties, Joodse Raad-kaart voor Toni E. Cornelius-Marx en documenten betreffende Friedrich J.F. Steiner
  • Gemeentearchief Zeist, 1499-1500, register van illegalen, ‘Toni Eva Cornelis-Martens’
  • Zie het Onderduikboek, Hoofdstuk I.7, ‘Bericht voor Tamar’ (Laura Henschel-Rosenfeld) en Verlengde Slotlaan 33 (tijdens de bezetting 125), Dalweg 24, Krakelingweg 79 en Laan van Beek en Royen 11 (woon- en bewezen onderduikadressen van familieleden)

1. Louise de Colignyplein 5

2. Peter Cornelius (in 1961, 58 jaar oud kwam in de naoorlogse jaren in Zeist wonen

3. Toni Eva Cornelius-Marx in 1946, 35 jaar oud