Tijdens de bezetting werden in Zeist meer dan 900 personen met valse gegevens opgenomen in het lokale bevolkingsregister, vooral joodse onderduikers en onderduikers voor de Arbeitseinsatz. Dit bericht beschrijft een adres waarvoor een of meer valse registraties herleid konden worden tot de werkelijke identiteit van joodse personen. Een overzicht van alle adressen en onderduikers is te vinden via valse registraties van bekende onderduikers.
Het staat niet vast dat de betrokken personen werkelijk op de genoemde adressen ondergedoken zaten.
Wie weet meer? Wie iets meer weet over dit adres en/of de genoemde onderduikers wordt vriendelijk verzocht om contact op te nemen via het contactformulier op deze site.
Vals geregistreerd op dit adres:
- Sifra Alida Dasberg (Rotterdam-Katendrecht, 22 april 1934 – Nieuwerkerk in Zeeland, 30 maart 2021)
In het register van valse persoonsregistraties bevindt zich een kaart op naam van de Nederlands Hervormde ‘Sientje Dasberg’, zogenaamd geboren op 22 april 1934 in Achtkarspelen, dochter van ‘Johan en Sientje Dasberg-Witteveen’ en op 2 juni 1942 afkomstig uit Rotterdam. Het lijdt weinig twijfel dat dit Sifra (Sifra Alida) Dasberg is, die op de genoemde datum werd geboren, maar dan in Rotterdam-Katendrecht. Haar ouders heetten in werkelijkheid Maurits Albert en Ruhama Dasberg-Baumgarten. Waarom Sifra Dasberg in Zeist een valse registratie kreeg, is niet bekend. Ook niet of ze op Kersbergenlaan 8 ondergedoken heeft gezeten.
Het volgende relaas is ontleend aan de herdenkingssite loods24rotterdam.nl:
‘Ruim twaalf jaar vertelde Sifra Dasberg telkens aan een nieuwe groep 8 van basisschool de Pijler haar verhaal bij Loods 24 en het Joods Kindermonument. Het was juni 1942 toen haar moeder op een zonnige dag, in een onbewaakt ogenblik, naar buiten de hoek om liep om een fles melk te kopen. Ze vergat haar jasje met de gele ster. Ze werd verraden en gearresteerd. De beloning voor dit soort verraad was vijf gulden.
Haar vader werd met een onmenselijk dilemma opgezadeld: als hij twee namen van verzetsmensen zou doorgeven, mocht hij samen met haar moeder naar huis. In zijn wanhoop verzon hij twee namen, maar zijn leugen werd doorzien. Zijn echtgenote werd op transport gesteld naar Kamp Ravensbrück en een half jaar later werd haar moeder Roos (Ruhama) Dasberg-Baumgarten vermoord in Auschwitz.
Haar oma Selda Levikovna Sternson-Baumgarten, ook woonachtig op Katendrecht, was tijdens een razzia samen met haar jongste dochter uit huis gehaald. Zij werd naar Westerbork vervoerd en later in Sobibor vergast. Sifra was toen acht jaar oud.
Zij en haar vader waren intussen ondergedoken. Sifra kwam in haar eentje eerst bij Esther Hartog en Wally Elenbaas aan de Rechthuislaan op Katendrecht, waar nu het Verhalenhuis is. Na een paar omzwervingen kwam ze op de Westerkade, bij de heer en mevrouw Kuiper. Meneer Kuiper was directeur van Diergaarde Blijdorp. Hij werd uit zijn functie ontheven toen hij weigerde een bordje ‘verboden voor joden’ op te hangen bij de ingang van Blijdorp. Onder hun hoede overleefde Sifra de oorlog. Daarna werd zij met haar vader verenigd.
Sifra vermeed Katendrecht jarenlang, voor haar de plek van verraad. In 2015 werd haar familie en haar verhaal zichtbaar gemaakt in een tentoonstelling in Verhalenhuis Belvédère op Katendrecht. Ook burgemeester Aboutaleb kwam kijken en luisteren. Verhalen kunnen helend werken, Katendrecht werd weer een thuis. Aan de pijn van toen kunnen we niets meer doen. Verhalen maken wel voelbaar hoe het was en ze leren ons: onderschat niet wat jij kunt doen voor een ander.
Sifra Dasberg vertelde ook telkens haar verhaal met die belangrijke boodschap: “Toch geloof ik dat de meeste mensen in vrede en vriendschap willen samenleven.” Burgemeester Aboutaleb beloofde Sifra op haar sterfbed dat hij haar verhaal in woord en daad zal blijven vertellen. Net als wij dat zullen blijven doen. Sifra schreef zelf als afscheid: “Geen verdriet. De bomen die ik plantte, dragen mijn herinneringen. De geschiedenis die niet mag worden vergeten is vereeuwigd. Geen verdriet, ik ga zoals ik ben geboren, met veel geluk en liefde. Nu laat ik ze jullie na.”
Linda Malherbe, Rotterdam – 8 april 2021’
Ruhama Dasberg-Baumgarten was op 12 juni 1942 gearresteerd en begin juli naar de Scheveningse gevangenis overgebracht. Op 9 september was ze naar Kamp Ravensbrück gedeporteerd en vandaar op 5 oktober naar Auschwitz, waar ze op 29 oktober was vermoord.
Sifra Dasberg trouwde later met Pieter Martinus le Noble (Den Haag, 1930). Die overleed in 1989 in Nieuwerkerk. Sifra zou hem meer dan dertig jaar overleven. Frappant is dat ‘Pieter Martinus le Noble’ tijdens de bezetting ook in Zeist werd geregistreerd als een onderduiknaam.
Bronnen:
- Gemeentearchief Zeist, 1499-1500, register van illegalen, ‘Sientje Dasberg’, ‘Pieter Marinus le Noble’
- www.loods24rotterdam.nl, Sifra Dasberg
- ITS Arolsen, digitale collecties, Joodse Raad-kaart voor Ruhama Dasberg=Baumgarten
