Tijdens de bezetting werden in Zeist meer dan 900 personen met valse gegevens opgenomen in het lokale bevolkingsregister, vooral joodse onderduikers en onderduikers voor de Arbeitseinsatz. Dit bericht beschrijft een adres waarvoor een of meer valse registraties herleid konden worden tot de werkelijke identiteit van joodse personen. Een overzicht van alle adressen en onderduikers is te vinden via valse registraties van bekende onderduikers.

Het staat niet vast dat de betrokken personen werkelijk op de genoemde adressen ondergedoken zaten.

Wie weet meer? Wie iets meer weet over dit adres en/of de genoemde onderduikers wordt vriendelijk verzocht om contact op te nemen via het contactformulier op deze site.

In memoriam, vals geregistreerd op dit adres:

  • Joseph Goudenburg, weduwnaar, zonder beroep (Utrecht, 2 maart 1867 – Sobibor, 2 april 1943), bereikte de leeftijd van 76 jaar
  • zoon Meijer Goudenburg, ongehuwd, koopman in gloeilampen (Amsterdam, 9 april 1899 – Sobibor, 30 april 1943), bereikte de leeftijd van 44 jaar

In het bevolkingsregister van Zeist werd de ‘gereformeerde Joseph Gerard Grootenburg (De Bilt, 2 maart 1867)’ geregistreerd op Kersbergenlaan 29. Hij zou daar op 8 februari 1941 zijn komen wonen vanaf Bosch en Lommerweg 47 in Amsterdam. Die laatste gegevens klopten zeker niet. Bij controle op de geboortedatum in het bevolkingsregister van Amsterdam blijkt dat het ging om Joseph Goudenburg.

Volgens zijn valse gegevens zou ‘Joseph Gerard Grootenburg’ de zoon zijn van ‘Marinus Gerard en Maria Grootenburg-Woudenberg’ (Abraham Joseph en Betje Goudenburg-van der Goen’) en weduwnaar van ‘Johanna Boskoop’ (Marianne van der Goen).

Op dezelfde datum als Joseph Goudenburg werd zijn zoon Meijer op Kersbergenlaan 29 geregistreerd, als de gereformeerde agent in levensverzekeringen ‘Martien Grootenburg’ (met juiste geboortegegevens).

Of vader en zoon Goudenburg werkelijk op Kersbergenlaan 29 zijn geweest, is niet duidelijk. In elk geval werd Joseph Goudenburg op 27 maart 1943 als strafgevangene in barak 67 van Kamp Westerbork ondergebracht, dus waarschijnlijk gearresteerd in onderduik, drie dagen later gedeporteerd en bij aankomst in Sobibor vermoord, op 2 april 1943.

Zijn zoon Meijer werd op 17 april 1943 in strafbarak 65 van Kamp Westerbork ondergebracht, op 27 april gedeporteerd en bij aankomst in Sobibor vermoord, op 30 april 1943.

Drie andere zoons van Joseph Goudenburg, Abraham, David en Salomon, en hun gezinnen werden vermoord. Zijn zoons Coenraad en Marcus overleefden als Engeland-vaarders.

Bronnen:

  • Gemeentearchief Zeist, 1499-1500, register van illegalen, ‘Joseph Gerard en Martien Grootenburg’
  • ITS Arolsen, digitale collecties, Joodse Raad-kaarten voor Joseph en Meijer Goudenberg
  • Digitaal joods monument, Joseph Goudenburg, Meijer Goudenburg
  • oorlogsdodenoldenzaal.nl, Salomon Goudenburg

1. De valse registratie van Joseph Goudenburg in het bevolkingsregister van Zeist

2. De valse registratie van Meijer Goudenburg in het bevolkingsregister van Zeist