Dit bericht gaat over een of meerdere joodse onderduikers van wie uit publicaties of ontvangen meldingen bekend is, dat zij in Zeist ondergedoken zaten, maar van wie het onderduikadres nog onbekend is. Een overzicht van deze onderduikers is te vinden via adres onbekend.

Wie weet meer? Wie weet op welk adres een of meer onderduikers verbleven, wordt vriendelijk verzocht om contact op te nemen via het contactformulier op deze site.

In memoriam:

  • Juliette Suze Heijmans (Utrecht, 11 maart 1935 – Auschwitz, 6 september 1944), bereikte de leeftijd van 9 jaar

Overige onderduiksters:

  • Estella Heijmans (Utrecht, 9 juni 1926)
  • Lotty Elisabeth Heijmans (Utrecht, 18 juni 1930)
  • Elisabeth Lida Heijmans (Utrecht, 11 maart 1935), tweelingzusje van Juliette Suze

In zijn boek ‘De verborgen generatie’ (2025) schrijft Bert Jan Flim dat de zusjes ‘Bertha’ (1926), ‘Eva’ (1930) en ‘Lena’ (1935) uit Utrecht vanaf eind 1942 ondergedoken hadden gezeten op één adres met hun ouders, het tweelingzusje van ‘Lena’, hun grootvader van vaderskant en een ongehuwde oom (in totaal negen personen). De onderduikruimte was daar niet op berekend.

Met ‘Bertha’ (1926), ‘Eva’ (1930) en ‘Lena’ (1935) doelt Flim op Stella (Estella), Lotty (Lotty Elisabeth) respectievelijk Lies (Elisabeth Lida) Heijmans, drie van de vier dochters van het echtpaar Eduard en Rachel Heijmans-Pezarro. Ouders en dochters stonden in het bevolkingsregister van Zeist ingeschreven op het adres Jacob Catslaan 87, een niet-bestaand adres. In april 2020 blijkt ook dat de ouders niet in Zeist waren ondergedoken, maar hun vier kinderen wel degelijk. Hoe het allemaal precies in zijn werk is gegaan, blijft onduidelijk. Maar na een gesprek met Elisabeth Otten-Heijmans kan de tragische onderduikgeschiedenis van haar ouderlijk gezin voor een klein deel ontrafeld worden.

Op het gemeentehuis van Zeist werd het gezin ingeschreven onder de naam Heijner-Hoegen. Ze zouden op 15 februari 1942 verhuisd zijn van Amsterdamsestraatweg 271 (was Westerkade 12 bis) in Utrecht naar Jacob Catslaan 87 in Zeist. De beide ouders zouden daarvoor in Diever hebben gewoond, op Brink 203. Afgezien van de geboorteplaats van Rachel Heijmans-Pezarro – Utrecht in plaats van Amsterdam – werden de juiste geboortedata en –plaatsen aangehouden. De huwelijksdatum werd gewijzigd, maar elk kreeg een valse naam:

Ezechiël David Heijmans – ‘Eduard Dirk Heijner’

Rachel Heijmans-Pezarro – ‘Willempje Heiner-Hoegen’

Estella Heijmans – ‘Elbertha Heijner’

Lotty Elisabeth Heijmans – Louise Heijner’

Elisabeth Lida Heijmans – ‘Elisabeth Heijner’

Juliette Suze Heijmans – ‘Julia Heijner’

Hieruit zou afgeleid kunnen worden dat het echtpaar Heijmans-Pezarro hoopte met hun vier dochters onder te duiken. Anders had men de dochters uit veiligheidsoverwegingen beter verschillende onderduik-achternamen kunnen geven, want ze werden elk op een ander adres in Zeist ondergebracht.

Eduard Heijmans gokte niet alleen op het lastige onderduiken. Uit de gegevens op zijn Joodse Raad-kaart blijkt dat hij op 16 september 1942 documenten ingediend had, waaronder een kwartierstaat en een stamboom, waarmee hij een andere afstamming zou kunnen bewijzen. In het bevolkingsregister van Zeist was hij geregistreerd als zoon van ‘Aalbert Heijner’ en ‘Neeltje de Ru’, en zijn echtgenote als dochter van ‘Willem Hoegen’ en ‘Maaike Sloet’. In werkelijkheid heetten hun ouders Leon Heijmans en Lea Rodrigues de Miranda respectievelijk Eliezer Pezarro en Esther Rodrigues de Miranda. Beide moeders waren zusters. Wat er bedacht was om de joodse afstamming te verhullen, is niet bekend. In elk geval had het helaas niet gewerkt, want de stukken kwamen ruim een jaar later, op 23 september 1943 terug, met de kanttekening: ‘Verdere stappen doelloos.’ Eduard en Rachel Heijmans-Pezarro waren op 7 september vanuit Kamp Westerbork al gedeporteerd naar Auschwitz.

Dat bericht bereikte de achtjarige Jetty (Juliette Suze) Heijmans op haar onderduikadres in Zeist en werd het meisje fataal. Haar tweelingzusje Lies mocht vanwege haar blonde haren op straat komen en zag op zekere dag haar tweelingzusje in een voortuintje staan. Zo kreeg Lies ook het ontstellende bericht te horen – ‘pappa en mamma zijn opgepakt’ – waarna ze overstuur naar haar eigen onderduikadres rende. Het contact had tot gevolg dat Jetty uit veiligheidsoverwegingen naar een ander onderduikadres werd gebracht, in Doorn of Driebergen. Een kindertehuis, volgens Elisabeth Otten-Heijmans, en daar werden Jetty en twee andere kinderen in 1944 opgepakt en naar Auschwitz gedeporteerd, met het transport van 3 september 1944 waarmee ook de strafgevallen Anne Frank en familie werden weggebracht.

In zijn boek schrijft Bert Jan Flim dat de grote Zeister jodenhelper Kees Kirpensteijn de drie zeer orthodoxe zusjes ‘Bertha’ (1926), ‘Eva’ (1930) en ‘Lena’ (1935) onderbracht op verschillende onderduikadressen. Flim doelt hiermee op Stella, Lotty en Lies Heijmans, die met hun ongehuwde tante Lida Heijmans (later naar Amalia van Solmslaan 65) het doorgangshuis van het echtpaar Kirpensteijn-ten Haaft op Krullelaan 17 passeerden.

De drie zusjes en hun tante Alida Heijmans, ‘dochter van Kees en Sophia Hermans-Goudriaanse’, zaten verder op verschillende adressen ondergedoken. Elisabeth Heijmans zag haar oudste zuster Stella op zeker moment de ramen zemen van haar onderduikadres. Onmiddellijk werd er voor gezorgd dat Stella niet meer voor de ramen zou verschijnen.

De ervaringen van Elisabeth Heijmans in de Zeister onderduik waren gemengd, en daarom wil ze het adres en de bijbehorende namen niet noemen, maar ze vindt dat onderduikgevers toch waardering verdienen omdat ze gevaar riskeerden. Wel wil ze nog kwijt dat ze in de laatste fase van de bezetting bij aardige mensen verbleef. Op de dag van de bevrijding zei de heer des huizes: ‘Daar zitten we nu met vier joden aan tafel.’ Op dat moment bleek dat een oud echtpaar in huis joods was evenals de onderduikgever zelf.

Na de bevrijding waren er veel doden te betreuren. Behalve hun ouders en hun zusje waren hun grootvader, weduwnaar Lion Heijmans, twee tantes en vier ooms vermoord.

Flim schreef verder: ‘Gewend als ze waren aan religie draaiden ze al snel mee in het protestantse geloof van hun pleegouders. Ze kwamen dan ook tamelijk christelijk uit de oorlog.’ Stella wilde zelfs helemaal niets meer te maken hebben met het joods-orthodoxe geloof. Ze was wel zeer zionistisch, en ging zonder toestemming van de Commissie voor Oorlogspleegkinderen naar het Hachsjarah-huis in Deventer, waar joodse jongeren voorbereid werden op emigratie (Alija) naar Palestina.

Lotty en Lies kwamen bij hun orthodoxe tante in huis. Ook gingen ze weer naar school. Dat was vooral voor Lotty moeilijk, want ‘het leeren was zij geheel ontwend’. In september 1945 waren Lotty en ‘Lies weer helemaal orthodox.’

Contact met onderduikgevers was er niet meer, want de zusjes Stella, Lotty en Lies Heijmans emigreerden naar Canada. Elisabeth Otten-Heijmans is later teruggekeerd naar Nederland. Voordat ze het zwaarbeladen contact over die nare periode afbreekt, vertelt ze nog wel dat er veel joodse onderduikers in Zeist zaten. Dus wat de herdenking betreft: ‘Zeist heeft het verdiend’.

Bronnen:

  • Mededelingen van Elisabeth Otten-Heijmans
  • ITS Arolsen, Joodse Raad-kaarten voor het echtpaar Ezechiël David en Rachel Heijmans-Pezarro.
  • Gemeentearchief Zeist, 1499-1500, register van illegalen, gezin ‘Heijner-Hoegen’ en ‘Alida Heijmans’
  • Bert Jan Flim, ‘De verborgen generatie’, 387-388, Amphora Books, 2025
  • Zie Krullelaan 17 en Amalia van Solmslaan 65
  • Digitaal joods monument, Ezechiel David en Rachel Heijmans-Pezarro

In memoriam (niet in Zeist gearresteerd):

  • Ezechiel David Heijmans, handelsreiziger (Utrecht, 23 maart 1896 – Auschwitz, 31 maart 1944), bereikte de leeftijd van 48 jaar
  • echtgenote Rachel Heijmans-Pezarro (Amsterdam, 17 oktober 1896 – Auschwitz, 30 november 1943), bereikte de leeftijd van 47 jaar
  • (schoon)vader Lion Heijmans, geen beroep (Utrecht, 17 oktober 1862 – Sobibor, 16 juli 1943), bereikte de leeftijd van 80 jaar

1. De valse registratie van Ezechiël David Heijmans in het bevolkingsregister van Zeist

2. De valse registratie van Rachel Pezarro in het bevolkingsregister van Zeist

3. De valse registratie van Estella Heijmans in het bevolkingsregister van Zeist

4. De valse registratie van Lotte Elisabeth Heijmans in het bevolkingsregister van Zeist

5. De valse registratie van Elisabeth Lida Heijmans in het bevolkingsregister van Zeist

6. De valse registratie van Juliette Suze Heijmans in het bevolkingsregister van Zeist

7. Huwelijksfoto van Eduard Heijmans en Rachel Pezarro op 19 Augustus 1925 in Utrecht

8. Poerimfeest in Utrecht (jaren dertig). Rechts Eduard Heijmans, midden zijn echtgenote Rachel Heijmans-Pezarro en links Alida Heijmans, die de bezetting zou overleven in Zeist

9. Het 12,5-jarig huwelijksfeest in februari 1938 van Eduard – met fez – en Rachel Heijmans-Pezarro. Voor hem van links naar rechts Rachel (met bril), haar zuster Judith en Eduard’s zuster Esther van Gelderen-Heijmans

10. Jetty Heijmans als peuter

11. Jetty Heijmans in 1941 of 1942

12. Rachel Pezarro, links op de foto met op haar schoot haar dochter Stella (die de oorlog heeft overleefd). Daarnaast haar schoonouders Lion en Lea Heijmans-de Miranda (omstreeks 1929)