Dit bericht beschrijft een adres in Zeist waar tijdens de bezetting een of meerdere joodse onderduikers verbleven. Een overzicht van dergelijke adressen en de daar geregistreerde onderduikers is te vinden via bekende onderduikadressen.

Wie weet meer? Suggesties voor correctie, wijziging en aanvulling kunnen doorgegeven worden via het contactformulier op deze site.

(Zie het Onderduikboek, pagina’s 124-126; aangevuld met informatie van het digitaal joods monument en ITS Arolsen)

In memoriam:

  • (Ondergedoken in Baarn?:)
  • Samuel Gompers, handelsreiziger in mode-artikelen (Amsterdam, 6 juni 1896 – Auschwitz, 31 maart 1944), bereikte de leeftijd van 47 jaar
  • echtgenote Esther Gompers-Moscoviter (Amsterdam, 25 november 1892 – Auschwitz, 22 oktober 1943), bereikte de leeftijd van 50 jaar

(Ondergedoken in Zeist:)

  • dochter Wilhelmina Gompers, ongehuwd, kantoorbediende (Amsterdam, 23 mei 1919 – Auschwitz, 22 oktober 1943), bereikte de leeftijd van 24 jaar
  • zoon Jacques Gompers, ongehuwd, kantoorbediende papierhandel (Amsterdam, 14 april 192– – Auschwitz, 31 maart 1944), bereikte de leeftijd van bijna 23 jaar
  • dochter Jansje Gompers, ongehuwd, geen beroep (Zandvoort, 30 mei 192– – Auschwitz, 28 januari 1944), bereikte de leeftijd van 20 jaar
  • zoon Abraham Samuel Gompers (Zandvoort, 30 augustus 192– – Auschwitz, 31 maart 1944), bereikte de leeftijd van 19 jaar

Onderduikgeefster:

  • Wilhelmina Agneta Julia van Vloten, gescheiden, pensionhoudster (Malang-Nederlands Indië, 15 november 1896 – Zeist, 2 januari 1981)

Drie dochters (1921, 1924 en 1932)

Op woensdag 29 september 1943 zitten de joodse verraadster Ans van Dijk en drie vrouwelijke trawanten – Rosalie Roozendaal, Mies de Regt en Branca Simons – nog maar net op het terras van café-restaurant La Promenade in Baarn, als er een man en een vrouw passeren. Simons zegt dat ze deze mensen uit Amsterdam kent en dat ze ook joods zijn, al dragen ze geen ster. De vier vrouwen volgen het paar, tot bij het Buurtstation. Terwijl Simons en De Regt de man en vrouw in de gaten houden, haasten Roozendaal en Van Dijk zich naar het politiebureau. Daar doet opperluitenant Bastiaan van den Berg dienst, die eerder bij het Bureau Joodse zaken in Amsterdam heeft gewerkt. Geassisteerd door wachtmeester Theo Boender fietst Van den Berg met Rosalie Roozendaal achterop naar het station. Het paar, dat met de trein naar Utrecht wilde, wordt aangehouden. Op het politiebureau fouilleren Ans van Dijk, Rosalie Roozendaal en Branca Simons hen en controleren ze hun persoonsbewijzen. Die staan op naam van ‘Wilhelmus Blok’ (1890) en ‘Elisabeth Antoinette Gijswijt’ (1894). Op aandringen van Van Dijk onderwerpt een agent de persoonsbewijzen aan een nader onderzoek, waarbij hij vaststelt dat de documenten vervalst zijn.

Tijdens een kort verhoor vertellen de gearresteerden dat hun vier kinderen ondergedoken zitten op de Frederik Hendriklaan 58 in Zeist.

Met de Baarnse politiemannen gaan de V-vrouwen per auto naar dat adres in Zeist, waar de 50-jarige Wilhelmina Agneta Julia van Vloten, gescheiden echtgenote van Leopold van Hecking Colenbrander, met haar dochters woont. Ze dringen de woning binnen, waar ze drie onderduikers te pakken krijgen, twee mannen en een vrouw. Volgens de naoorlogse verklaring van de politieman Theo Boender slaagt een vierde onderduiker, een joodse man, er met Boender’s hulp nog in door een wc-raampje te ontsnappen. De persoonsbewijzen van de gearresteerden staan op naam van ‘Alida van Ark’ (1914), ‘Dirk Marinus Visser’ (1920) en ‘Antonius de Dali’ (1926). De Baarnse politie zorgt op last van Ans van Dijk voor het transport van de in totaal vijf joodse arrestanten en brengen ze naar Amsterdam. Uit de verklaring die wachtmeester Boender op 9 juli 1946 zal afleggen: ‘Zowel in Baarn als in Zeist is het mij opgevallen dat bedoelde vrouwen zeer aanmatigend, uiterst brutaal en op ergerlijke wijze tegen hun soortgenoten optraden. In het bijzonder viel mij dit op van de kleinste van de vrouwen, die naar ik mij herinner een bril droeg [Ans van Dijk] en als leidster van het onderzoek en de arrestatie optrad.

De latere verklaring van de wachtmeester, dat hij een van de onderduikers geholpen had bij diens ontsnapping, is niet te controleren. Het is ook mogelijk dat hij de ontsnapping constateerde en die later gebruikte om zijn eigen CV wat ‘op te knappen’. Dat was wel nodig, want dat hij was op 19 oktober 1943, samen met diezelfde opperluitenant Van den Berg, gearresteerd door postende Zeister collega’s op de overweg bij Den Dolder. Ze faciliteerden, soms zelfs met behulp van een dienstauto en in uniform, een smokkelcomplot en zwarthandel. Van den Berg verklaarde voor de economische rechter dat hij niet had kunnen wennen in Baarn. Het was hem daar te stil geweest. Het vonnis tegen hem luidde op 13 december 1943 drie jaren en tegen Theo Boender twee jaar, met aftrek van de voorlopige hechtenis en verbeurdverklaring van de bij hen in beslag genomen goederen. Beiden zaten ze hun straf uit in Norg.

Van de vier in Zeist ondergedoken kinderen van het in Baarn gearresteerde echtpaar zijn slechts drie onderduiknamen bekend:

  • ‘Alida van Ark’ (1914)
  • ‘Dirk Marinus Visser’ (1920)
  • ‘Antonius de Dali’ (1926)
  • De onderduiknaam van de ontsnapte persoon is niet bekend.

Hun ouders noemden zich ‘Wilhelmus Blok’ (1890) en ‘Elisabeth Antoinette Gijswijt’ (1894). De werkelijke namen van de gezinsleden zijn niet terug te vinden in het zogenaamde CABR-dossier van Ans van Dijk.

Met de summiere informatie kan men bij Kamp Westerbork ook niet met zekerheid namen achterhalen. Men laat weten dat het hier wel eens om het gezin Gompers-Moscoviter kan gaan: ‘Als laatste officiële adres hadden zij Courbetstraat 33 III te Amsterdam. Ze kwamen op 9 oktober 1943 met een strafgevaltransport uit Amsterdam. Het gezin vind je terug op het Joods Monument.'

Op 12 februari 2025 bevatte het digitaal joods monument een uitgebreide informatie over bedoeld gezin.

Samuel Gompers was handelsreiziger in modeartikelen. Hij trouwde op 22 augustus 1918 in Amsterdam met zijn 25-jarige nicht Esther Moscoviter. Het echtpaar kreeg vier kinderen: Wilhelmina (1919), Jacques (1921), Jansje (1923) en Abraham Samuel (1924). Na een serie verhuizingen woonde het gezin vanaf 12 Juni 1940 op Courbetstraat 33 III in Amsterdam, om in 1942 uit de bevolkingsadministratie te verdwijnen.

Op 9 oktober 1943 zou het hele gezin Gompers-Moscoviter afgevoerd zijn naar Kamp Westerbork, ingesloten zijn in de strafbarak 67 en tien dagen later, op 19 oktober 1943, met een zogenaamd straftransport gedeporteerd zijn naar Auschwitz. Dit blijkt echter onjuist. Dochter Jansje ontbrak en zij was met grote waarschijnlijkheid de onderduiker die door het wc-raampje ontsnapte.

Jansje Gompers werd later alsnog gearresteerd. Zij werd op 6 januari 1944 ingesloten in de strafbarak 67 en moest op 25 januari op straftransport. Meteen na aankomst werd zij vermoord, op 28 januari 1944.

Dat lot hadden Esther Gompers-Moscoviter en haar andere dochter Wilhelmina eerder ook ondergaan na aankomst op 22 oktober 1943 in Auschwitz, maar haar vader Samuel en twee broers Jacques en Abraham Samuel moesten nog dwangarbeid verrichten. Omdat hen exacte sterfdata niet bekend zijn, heeft het Ministerie van Justitie na de oorlog opdracht gegeven aan de Gemeente van Amsterdam om voor hen overlijdensaktes op te maken, waarin 31 maart 1944 is bepaald als overlijdensdatum.

Over de onderduikgeefster op Frederik Hendriklaan 58 is weinig bekend. Zij was in 1938 gescheiden van de assistent-resident Leopold Eduard van Hecking Colenbrander. Tot haar dood bleef zij in Zeist wonen. Er is niets gevonden over een arrestatie en deportatie voor zes maanden naar Kamp Vught, wat na 31 maart 1943 wel een gangbare straf was voor het geven van onderduik.

Bronnen:

  • Koos Groen, ‘De prooi wordt jager’, 108-109, en Sytze van der Zee, ‘Vogelvrij’, 348
  • In het dossier van Ans van Dijk, in het Nationaal Archief, toegang 2.09.09, Centraal Archief Bijzondere Rechtspleging (CABR), inventarisnummer 75212 (BRvC), en in de rapportenboeken van de gemeentepolitie Zeist is geen informatie gevonden over deze arrestaties
  • Kamp Westerbork, Collectie – Een Naam en een Gezicht
  • www.joodsmonument.nl, Het lot van Samuel Gompers, zijn vrouw Esther Moscoviter en hun kinderen Wilhelmina, Jacques, Jansje en Abraham Samuel
  • www.delpher.nl, De Gooi- en Eemlander van 13 december 1943 (over de vleessmokkel door Baarnse politiemannen)
  • ITS Arolsen, digitale collecties, Joodse Raad-kaarten voor Samuel en Esther Gompers-Moscoviter en hun kinderen Wilhelmina, Jacques, Jansje en Abraham Samuel

1. Frederik Hendriklaan 58

2. De Joodse Raad voor Jansje Gompers

3. Ans van Dijk op 24 februari 1947 voor het Bijzonder Gerechtshof. (Wikipedia)