Dit bericht beschrijft een adres in Zeist waar tijdens de bezetting een of meerdere joodse onderduikers verbleven. Een overzicht van dergelijke adressen en de daar geregistreerde onderduikers is te vinden via bekende onderduikadressen.

Wie weet meer? Suggesties voor correctie, wijziging en aanvulling kunnen doorgegeven worden via het contactformulier op deze site.

(Nieuw ten opzichte van het Onderduikboek en het Supplement)

Onderduiker:

  • Jacob van Raalte, accountant (Rotterdam 8 juni 1909 – in 1952 geëmigreerd naar Nieuw-Zeeland en vervolgens naar Australië)

Onderduikgevers:

  • Johannes de Pree (Rotterdam, 26 mei 1890 – Zeist, 18 april 1976), en
  • echtgenote Hendrika de Pree-van den Elst (Ambt Almelo, 30 mei 1896 – vertrokken naar Delden op 16 november 1976)

Geen kinderen

De ‘half-joodse’ (assistent) accountant Jacques (Jacob) van Raalte en zijn niet-joodse echtgenote gaven zelf onderduik aan Abel Cahen uit Zeist, op Prins Alexanderweg 23 (nu Boulevard 50) in Zeist. Hij bereidde de kleine Abel intensief voor op diens verdere onderduikroute die via de Zeister politieman Dam naar Friesland zou leiden, waar Abel Cahen de bezetting zou overleven.

Op 25 augustus 1942 stond op de voorpagina van De Zeister Courant dat administratiekantoor J. van Raalte, belastingadviseur, een telefoonaansluiting had gekregen. Vanaf 1 juli was een ariërverklaring nodig voor zo’n aansluiting, maar dat was geen beletsel voor de gemengd gehuwde ‘half-joodse’ Van Raalte.

Jacques van Raalte hoefde aanvankelijk zelf niet onder te duiken, als gemengd gehuwde ‘half-joodse’ man. Toch deed hij dat in 1944. Uit de correspondentie van de korpschef van de gemeentepolitie Zeist blijkt dat hij gearresteerd moest worden wegens belediging van de Duitse Wehrmacht.
Dat Van Raalte onderdook op Duinweg 18 (nu 66), bij het echtpaar De Pree-van den Elst blijkt uit het uitgebreide verslag ‘Wat deed je in de oorlog?’ dat Gerard Hueting (1924) in februari 2011, zes jaar voor zijn dood, in Nieuw-Zeeland schreef over zijn verzetsactiviteiten in Zeist.

Huetings vader werd in 1942 ter dood gebracht door de bezetter wegens verzetsactiviteiten. Rudolf Hueting (1892) werd op 25 september van dat jaar gefusilleerd in de duinen bij Overveen. Zoon Gerard, zijn zuster en beider moeder werden ook gearresteerd en geïnterneerd in het ‘Oranjehotel’ in Scheveningen. Na hun vrijlating in het najaar van 1942 bleek dat hun woning in een gebied lag, waar de bezetter alles zou afbreken in verband met de bouw van de Atlantikwall. De volgende jaren bracht Gerard Hueting door bij zijn tante Riek – zuster van zijn moeder – en oom Han de Pree-van den Elst, een kinderloos echtpaar in Bosch en Duin. De omstandigheden daar waren uitstekend. Bij Duinweg 18 hoorden een tennisbaan, een zwembad, een bostuin en een groente- en bessentuin, 4-5 bijenkasten plus kippen, ganzen voor eieren, een geit voor de melk en een paar varkens.
Gerard Hueting luisterde er naar het radionieuws uit Engeland en verspreidde met anderen zelf getikte bulletins met nieuws van Radio Oranje en de BBC. In zijn uitgebreide beschrijving merkte hij op dat het leven, ondanks allerlei narigheid zoals bombardementen, toch nog vrij normaal doorging. Er werd gezeild op de Loosdrechtse plassen en enthousiast getennist. In de voorzomer van 1943 besloot de familie zelfs het zwembad te vullen. Tegelijkertijd kwamen er meer onderduikers.

Gerard Hueting beschreef de onderduikgevers. Zijn tante was impulsief, in totale tegenstelling tot zijn oom die voorzichtig en goed doordacht handelde. Han de Pree had een belangrijke positie in de kolenindustrie en kon daardoor vaak mensen helpen. Maar wanneer zijn echtgenote onderdak verschafte aan allerlei onderduikers, en sommige van die onderduikers onvoorzichtig waren, veroorzaakte dat wrijving tussen de beide echtelieden.

Zelf raakte Hueting naar eigen zeggen steeds meer betrokken bij illegale activiteiten. Hij organiseerde een verzetsgroep in Huis ter Heide, die onderdeel zou worden van de Binnenlandse Strijdkrachten. De groep van 10-12 leden viel onder Zeist en Zeist weer onder Utrecht. Onder meer werd Willem Oltmans – later enfant terrible van de Nederlandse journalistiek – lid van Huetings groep. Blijkbaar wisten schooljongens in Den Dolder dat Nederlandse soldaten bij de overgave in mei 1940 hun wapens in een vijver van een van de grote huizen hadden gegooid. Toen Duitse soldaten tijdelijk de villa verlieten, visten de jongens die wapens op.

De ‘half-joodse’ onderduiker Jacques van Raalte sliep op Duinweg 18 bij Gerard Hueting op de kamer. Accountant Van Raalte was religieus en voor het slapen gaan, bad hij elke avond, op de knieën voor zijn bed, voor iedereen en alles. Volgens Hueting behoorde Van Raalte tot de illegaliteit in Zeist en hielp hij met het schoonmaken en klaarmaken van de uit de vijver geviste geweren. Ook was de onderduiker betrokken bij een vergeefse poging van Huetings groep om wapens te stelen. Bijzonder was dat hij zijn zakelijke bezigheden uitvoerde onder de naam van ‘accountantskantoor C. Buitenhuis’.
Op 13 september 1944 werd zijn neef Henk (Hendrik) van Raalte in Zeist gearresteerd. Deze neef deed ook illegaal werk. Was hij in Zeist in verband met de familierelatie? Henk van Raalte zou op 3 mei 1945 vermoord worden in een buitenkamp van Neuengamme.

Toen de Hongerwinter het leven in Bosch en Duin ook steeds moeilijker maakte, besloot Gerard Hueting in december 1944 te vertrekken naar het Oosten, naar het vakantiehuis van zijn ouders in Oudleusen.

Of onderduiker Jacques van Raalte in die tijd wel op Duinweg 18 bleef, is niet bekend. Hij overleefde de oorlog en liet in het Zeister Weekblad van 6 juli 1945 weten dat hij het kantoor, dat hij tijdens zijn illegale tijd had gevoerd onder de naam accountantskantoor C. Buitenhuis, zou voortzetten als accountantskantoor J. van Raalte.

In 1952 emigreerde het echtpaar Jacques en Anna Wilhelmina van Raalte-van der Schuit met hun drie kinderen (1937, 1938, 1940) via Nieuw-Zeeland naar Australië, waar ze in 1963 genaturaliseerd werden.

Bronnen:

  • Zie ook het bewezen onderduikadres Boulevard 50 (tijdens de bezetting Prins Alexanderweg 23)
  • Gemeentearchief Zeist, archief gemeentepolitie, toegang 3500, inventarisnummer 274, correspondentie van de korpschef
  • www.oorlogsbronnen.nl/tijdlijn, Rudolf Abraham Hueting
  • www.tracesofwar.nl, Gerard-Hueting, ‘Wat deed je in de oorlog?’
  • Geheugen van Zeist, collecties, oude kranten, De Zeister Courant van 25 augustus 1942, bericht over telefoonaansluiting, en Zeister Weekblad van 6 juli 1945, advertentie accountantskantoor J. van Raalte
  • digitaal joods monument, Henk van Raalte

1. De toegang tot Duinweg

2. Duinweg 66

3. Advertentie in De Zeister Courant van 19 februari 1921 van een vroegere bewoner

4. Duinweg 18 in Bosch en Duin in vroeger tijden

5. Advertentie in het Zeister Weekblad van 6 juli 1945