Dit bericht beschrijft een adres in Zeist waar tijdens de bezetting een of meerdere joodse onderduikers verbleven. Een overzicht van dergelijke adressen en de daar geregistreerde onderduikers is te vinden via bekende onderduikadressen.
Wie weet meer? Suggesties voor correctie, wijziging en aanvulling kunnen doorgegeven worden via het contactformulier op deze site.
(Zie het Onderduikboek, pagina’s 44-51)
In memoriam (gearresteerd in Groningen):
- Joseph Bannet, fabrikant (Schiedam, 17 oktober 1893 – Auschwitz, 31 december 1943), bereikte de leeftijd van 50 jaar en
- echtgenote Jeannette Caroline Josephine Bannet-Levi (Amsterdam, 11 februari 1894 – Auschwitz, 31 augustus 1942), bereikte de leeftijd van 48 jaar
- zoon Joseph Bannet, student scheepsbouwkunde (Lowermoor, 5 maart 1920 – Auschwitz, 31 december 1943), bereikte de leeftijd van 23 jaar
- zoon John Henry Bannet, student vliegtuigbouwkunde (Lowermoor, 23 mei 1922 – Auschwitz, 31 december 1943), bereikte de leeftijd van 21 jaar
- dochter Rosette Caroline Jeannette Bannet (De Bilt, 11 maart 1925 – Auschwitz, 31 augustus 1942), bereikte de leeftijd van 17 jaar
- dochter Jeannette Josephine Bannet (Zeist, 10 oktober 1929 – Auschwitz, 31 augustus 1942), bereikte de leeftijd van 12 jaar
In memoriam (onderduikgever/helper, ook gearresteerd in Groningen):
- Jurriaan Engelbert Stork, gehuwd, ingenieur (Rangoon-Birma, 16 maart 1894 – Oranienburg, 12 maart 1943), bereikte de leeftijd van bijna 49 jaar
Onderduikgeefster:
- Kitty Ada Stork-Hofvendal
Twee kinderen
Na in Engeland gewerkt en gewoond te hebben – hij zat daar in de vleeshandel – keert Jo (Joseph) Bannet met zijn gezin terug naar Nederland. Ze vestigen zich eerst in De Bilt, maar komen in het najaar van 1926 naar Zeist. Hun woonadres daar is aanvankelijk 1e Hogeweg 25. In 1929 koopt Bannet een terrein achter het Zeister Slot, voor de vestiging van een fabriek in meubels. Het echtpaar Bannet-Levi gaat zelf met hun twee zoons en twee dochters bij die zaak wonen. Ze laten aan de Waterigeweg – dan een klinkerpaadje – een groot huis bouwen, op nummer 31.
Op nummer 29 woont het gezin van Kempen-Kieviet. Anton van Kempen is een van de twee directeuren van de NV Koninklijke Zilverfabriek Gerritsen & Van Kempen. De relatie met deze buren is uitstekend.
Jo Bannet wordt een vooraanstaand ondernemer in Zeist. Hij wil vanaf 1936 ook geld investeren in zijn hobby, de vliegtuigbouw, maar de Vliegtuigenfabriek Bannet neemt geen hoge vlucht. Het is een samenwerkingsproject dat weer uit elkaar valt voordat er vliegtuigen gebouwd kunnen worden. Zijn meubelfabriek loopt goed. Bannet is een uitvinder. Hij ontwerpt bijvoorbeeld een broedmachine. Hij raakt bevriend met een andere uitvinder, ingenieur Engelbert Stork, lid van de bekende Twentse familie van industriëlen.
Het is gezellig bij het zeskoppige gezin Bannet-Levi. Nichtje Anuscha Levi – zelf woonachtig in Halfweg – logeert er graag. Anno 2020 zal ze warm over het gezin spreken:
‘Het was een leuk, druk gezin, waar veel kon. Omdat tante Net (Jeanette Caroline Josephine kantoorwerk deed, werd de huishouding gedaan door een huishoudster en een meisje voor dag en nacht.’ Tante Net (Jeannette) was stil, maar oom Jo bepaald niet. Hij was de motor van het gezin, een ‘geinponem’. Hij hield van stoeien en was een durfal bij uitstek.
Het gezin was niet erg religieus. Anuscha Levi had er bijvoorbeeld macaroni met ham en kaas leren eten.
Het gezin Bannet-Levi raakt volkomen ingeburgerd in Zeist. De twee oudste zoons verlaten eind jaren dertig Zeist voor de studie scheepsbouwkunde respectievelijk vliegtuigbouwkunde. Het gaat het gezin duidelijk goed, maar daar komt een einde aan nadat de Duitsers Nederland zijn binnengevallen. De anti-joodse maatregelen raken het gezin in alle voegen.
Een van die maatregelen is dat joodse kinderen vanaf 1 september 1941 van hun scholen af moeten. Rosette Bannet heeft tot dan op het Christelijk Lyceum gezeten en een leraar zorgt ervoor dat ze thuis door kan leren. Hij vraagt Rosettes boezemvriendin Joke Folmer om daarvoor lesmateriaal en huiswerk te bezorgen op Waterigeweg 31.
Het gezin Bannet-Levi probeert zo goed mogelijk met de omstandigheden om te gaan. Nichtje Anuscha Levi zal zich altijd herinneren hoe blij Rosette Bannet op haar 17e verjaardag is met het bontjasje dat ze krijgt.
Dat is op 11 maart 1942. Twee dagen later wordt de NSB’er Willem Tonnon uit Utrecht aangewezen als Verwalter bij de Vliegtuigenfabriek Bannet. Nou is dat geen belangrijke onderneming, maar – omdat in de naoorlogse proces-verbalen over Tonnon telkens sprake is van het adres Waterigeweg 31 – is de veronderstelling gewettigd dat ook de meubelfabriek onder het regime van de NSB’er valt.
En zo gaat het maar door. Vanaf 3 mei is de jodenster verplicht. En vanaf 30 juni mogen joodse Nederlanders niet langer in woningen en tuinen van niet-joodse landgenoten komen. Er wordt dan een sluipweggetje gemaakt tussen Waterigeweg 29 en Waterigeweg 31, via een gat in de ligusterhaag tussen de tuinen. Jo Bannet maakt er regelmatig gebruik van en er is dagelijks contact tussen beide gezinnen.
Onafwendbaar komt de dag waarop het gezin Bannet-Levi vertrekt. De ernst van de situatie dringt niet goed door tot het 19-jarige buurmeisje Rosette van Kempen. Ze maakt nog een ‘gezellig’ lunchpakket voor de reis.
Het joodse gezin heeft een oproep gekregen voor de gedwongen verhuizing op 19 augustus 1942 naar Amsterdam. Ze hebben eerder al besloten om die oproep te negeren. Jo Bannet is niet over één nacht ijs gegaan en heeft voorbereidingen getroffen. Er opereert in Zeist nog geen illegale onderduikorganisatie, zoals later de Landelijke Organisatie voor Hulp aan Onderduikers (LO). Maar wel vervalsen ambtenaren op het gemeentehuis dan blijkbaar al persoonsgegevens in het bevolkingsregister en bijbehorende persoonsbewijzen voor mensen in nood. Kennelijk weet Bannet dat. De geboortedata van de gezinsleden blijven ongewijzigd, maar verder kunnen ze voorlopig door het leven als ‘Johannes Eduard Balten’ (geboren in Ruurlo), accountant, ‘Eveline Alida Balten-van Tonderen’ (geboren in Enschede), ‘Josephus Balten’, kweker, ‘Jan Henri Balten’, ‘Rosaline Balten’ en ‘Josephine Balten’. De valse persoonsgegevens en -bewijzen zijn blijkbaar vooral bestemd voor een vlucht uit Zeist, want ze zijn gekoppeld aan het adres Oranje Nassaulaan 55. En daar woont een NSB’er.
De verdwijning van de Bannets verloopt volgens een vluchtplan dat inmiddels uitgewerkt is. Het gezin is een paar jaar eerder op vakantie geweest naar Zweden, in verband met de studie scheepsbouwkunde van oudste zoon Joop (Joseph). En daar wil Jo Bannet met zijn gezin naar toe, naar het neutrale Zweden. Hij heeft daarvoor een beroep gedaan op zijn vriend Engelbert Stork. Die is niet alleen getrouwd met een Zweedse, maar zijn broer woont al vanaf de jaren twintig voor zaken in Zweden. Stork legt de nodige contacten. Hij vindt een kapitein van een Zweeds vrachtschip bereid om het gezin van zijn joodse vriend mee te nemen vanuit Delfzijl. Daarvoor moet Jo Bannet 7.000 gulden betalen.
Op de dag waarop het echtpaar Bannet-Levi en hun twee nog thuiswonende dochters Rosette en Nettie (Jeannette) naar Amsterdam moeten verhuizen, duiken ze onder op Charlotte de Bourbonlaan 22, bij Engelbert en Kitty Ada Stork-Hofvendahl. Stork heeft die ochtend zijn dochter uit zijn eerste huwelijk naar Amersfoort gestuurd, om te kijken of er rond 8.00 uur op het station gecontroleerd wordt. De dochter is de enige die daarom vooraf ingewijd is in het vluchtplan, maar als de vier Bannets de nacht van 19 op 20 augustus 1942 doorbrengen op Charlotte de Bourbonlaan 22, weet Kitty Stork-Hofvendal ook wat er staat te gebeuren. Ze smeekt Jo en Net Bannet-Levi bijkans om hun koffers achter te laten en in elk geval hun sieraden te verbergen. Ook Engelbert Stork zelf dringt daar opaan, maar het is vergeefse moeite. In de vroege ochtend van 20 augustus 1942 rijdt het gezin Bannet-Levi bepakt en bezakt met de taxi van Zeist naar Amersfoort. Behalve Engelbert Stork reizen er twee onbekende helpers uit Zeist mee. Omstreeks 8.00 uur stapt het hele gezelschap die ochtend in de trein naar Groningen.
Op deze wijze lijkt de vlucht gedoemd te mislukken. Een mission impossible noemt een schoonzoon van Engelbert Stork de onderneming in 2008, in een artikel in het periodiek ‘Seijst’ van het Zeister Historisch Genootschap. Volgens de auteur hadden de Bannets met hun donkere haren en ogen uiterlijke kenmerken van een joods gezin en hadden ze zeer veel bagage bij zich. Te duidelijk een vlucht. Bovendien hadden ze niet gezamenlijk moeten reizen.
De auteur wijst in Seijst op een opmerkelijk aspect. De reis kan in enkele uren afgelegd worden, omdat de treinverbindingen nog goed genoeg functioneren. Toch duurt het ongeveer twaalf uur, voordat het gezin op station Groningen aangehouden wordt. De twee zonen van het gezin zouden volgens de overlevering tot dan in een huisje op een eilandje in Friesland of Groningen ondergedoken hebben gezeten. Ze hebben zich in Groningen bij het gezelschap gevoegd. Om 20.00 uur ’s avonds staan medewerkers van het Schutzendivisenkommando hen op te wachten. Verraad. Het gezin wordt gearresteerd wegens het reizen zonder jodenster en het vermoeden dat ze het land wilden verlaten. Stork, die de meisjes begeleid heeft, wordt ook gearresteerd.
Het zal altijd de vraag blijven waarom de treinreis twaalf uur geduurd heeft. Als Engelbert Stork die avond laat nog niet terug is, belt zijn echtgenote een van de twee helpers. Die is inmiddels terug, net als de andere helper. Hij kan geen bijzonderheden vertellen. Kitty Stork-Hofvendahl raakt hevig verontrust. De volgende dag wordt duidelijk dat het helemaal fout is gegaan, want dan vindt een grondige huiszoeking plaats op Charlotte de Bourbonlaan 22. Kitty reist naar het Huis van Bewaring in Groningen, maar in plaats dat ze haar echtgenoot te spreken krijgt, neemt men haar een streng verhoor af.
Engelbert Stork is opgesloten in het Huis van Bewaring in Groningen, en wordt later via Kamp Amersfoort naar Sachsenhausen gedeporteerd. Daar zal hij in maart 1943 overlijden.
Zijn echtgenote vertrekt daarna, medio 1943, met haar twee kinderen terug naar haar geboorteland Zweden.
Het gezin Bannet-Levi wordt op 27 augustus 1942 overgebracht van Groningen naar Kamp Westerbork. Een dag later worden ze allen naar Auschwitz gedeporteerd. Jeannette Bannet-Levi en haar beide dochters worden op de dag van aankomst vermoord, op 31 augustus 1942. Een kampbewaker die met vakantie naar Nederland komt, brengt een brief naar de familie, met het verzoek om dekens te sturen. Een ooggetuige zal later verklaren dat Jo Bannet en zijn zoons op 15 oktober 1942 naar Spytcowitz zijn gestuurd en eind 1943 op ziekentransport naar Blechhammer. Ze worden op 31 december 1943 vermoord.
Het vlucht-avontuur is een drama geworden. De precieze toedracht wordt nooit opgehelderd. Wat heeft zich afgespeeld in de twaalf onverklaarbare uren en wie heeft ze verraden?
In Zeist is Joke Folmer diep geraakt door de plotselinge verdwijning van het gezin Bannet-Levi en haar vriendin Rosette. Die ervaring draagt bij aan haar motivatie om illegaal werk te gaan doen. Ze zal zich tijdens de oorlog ontwikkelen tot een van de belangrijkste illegale werksters in Nederland, vooral als helper van geallieerd vliegtuigpersoneel.
Na de bevrijding blijkt dat het echtpaar Bannet-Levi goederen in bewaring heeft gegeven aan anderen, zoals bij de buren en overburen. Het echtpaar Sliedrecht-de Gooijer van Waterigeweg 70 heeft op zolder een kist met poppen opgeslagen, die na de bevrijding is overgedragen aan overlevende familieleden van het gezin. En de naaste buren, het echtpaar Van Kempen-Kievit, draagt ook goederen over.
Op 30 maart 2022 zijn door Geheugen van Zeist ter hoogte van het adres Waterigeweg 31 twee gedenksteentjes gelegd voor het gezin Bannet-Levi. Op 20 mei 2026 laat de gemeente Zeist zes struikelstenen onthullen in plaats van de gedenksteentjes.
Bronnen:
- Mededelingen van Anuscha Buiskool-Levi, Maarten Sliedrecht en Rosette Zandvoort-van Kempen.
- Gemeentearchief Zeist, register van illegalen, 1499-1500, gezin ‘Balten-van Tonderen’
- M.B. Niemeijer, ‘De twaalf onverklaarbare uren’, ZHG-periodiek Seijst, 2008, nummer 1, 11-12
- Kamp Westerbork, collectie – Een Naam en een Gezicht
- ITS Arolsen, digitale collecties, Joodse Raad-kaarten voor de leden van het gezin Bannet-Levi
- www.hdekker.info, vliegtuigfabriek Bannet
- www.vgo-hengelo.nl, Jurriaan Engelbert Stork
1. Charlotte de Bourbonlaan 22
2. Net Levi en Jo Bannet op hun huwelijksdag kopie
3. Waterigeweg 31
4. De fabriek achter Waterigeweg 31
5. De vier kinderen Bannet
6. Rosette van Kempen
7. De vier kinderen Bannet
8. De meisjes Bannet met kindervliegtuigje
9. Het echtpaar Bannet-Levi kopie
10. Jurriaan Stork (1894-1943)
11. Namen van het gezin Bannet-Levi op het monumentWalkartpark kopie
12. Gedenksteentje Waterigeweg 31
13. Gedenksteentje Waterigeweg 31












