Dit bericht beschrijft een adres in Zeist waar tijdens de bezetting een of meerdere joodse onderduikers verbleven. Een overzicht van dergelijke adressen en de daar geregistreerde onderduikers is te vinden via bekende onderduikadressen.

Wie weet meer? Suggesties voor correctie, wijziging en aanvulling kunnen doorgegeven worden via het contactformulier op deze site.

(Zie het Onderduikboek, pagina’s 273-275; licht gewijzigd)

Onderduikers:

  • Hilde Lehmann (Frankfurt am Main-Duitsland, 2 augustus 1908)
  • Gezin met kind. Geen nadere gegevens bekend

Onderduikgevers:

  • Johannes Bronkhuijzen, gepensioneerd ambtenaar bij de Marine (Leiden, 12 april 1893 – Den Haag, 10 juli, 1947)
  • echtgenote Irmgard Clarissa Bronkhuijzen-Ziller (Leipzig, 27 juni 1901 – 1987 in Duitsland)

Twee dochters (1923, 1927)

Het echtpaar Bronkhuijzen-Ziller vestigt zich op 1 april 1937 in Zeist, afkomstig uit Nederlands-Indië. Jan Bronkhuijzen is, in zijn hoedanigheid van Oost-Indische hoofdambtenaar met verlof, ter beschikking gesteld van de directeur van Economische Zaken in Zeist. Na de Duitse inval verliest hij zijn baan, waarna hij zich steeds meer aan illegaal werk gaat wijden. In 1943 nemen zijn echtgenote Irmgard Bronkhuijzen-Ziller en hij de joodse onderduikster Hilde Neter-Lehmann in huis. Zowel Irmgard als Hilde is uit Duitsland afkomstig.

Hilde Lehmann was op 5 januari 1934 naar Nederland gevlucht. Ze is van beroep typiste, later redactie-assistente. Toen joodse mensen op last van de bezetter de kuststreek moesten verlaten, heeft ze zich op 11 maart 1941 in Hilversum gevestigd. Ze is op 1 juli 1942 getrouwd met de joodse Amsterdammer David Jakob Neter, met wie ze toen ook in Amsterdam was gaan wonen (waarschijnlijk opnieuw een gedwongen verhuizing).

Neter is in het bezit van een Sperr, waardoor Hilde Lehmann ook voorlopig vrijgesteld is van deportatie. Als die Sperr vervalt, meet de illegaliteit Hilde in 1943 een valse identiteit aan. Ze wordt in het bevolkingsregister van Amsterdam ingeschreven onder haar eigen, niet per se joodse naam – de naam Lehmann komt in Zeist vaker voor – en met de juiste geboortedata, maar haar huwelijk met ‘Dirk Johan Neter’ (eveneens niet joods klinkend) wordt gedateerd op 5 augustus 1940 in Den Haag. Verder wordt genoteerd dat ze op 27 mei 1943 verhuisd is naar het adres Laantje zonder Eind 2 in Zeist.

Aangenomen mag worden dat Hilde Lehmann rond die tijd bij het echtpaar Bronkhuijzen-Ziller in huis is gekomen. Op Aristoteleslaan 9 (later hernummerd naar 29) krijgt ze de beschikking over voorkamer die aan de straatzijde ligt. Hilde is bij haar komst naar Zeist zwanger, maar ondergaat een abortus. Hoewel haar valse identiteit goed geregeld is, en ze als Duitse bij een Duitse vrouw inwoont, is het risico toch groot. In het Zeister Lyceumkwartier wonen en werken vanaf de zomer van 1944 namelijk tijdelijk veel medewerkers van de Duitse Sicherheitsdienst, zoals schuin tegenover de woning van het echtpaar Bronkhuijzen-Ziller en in een nabijgelegen school.

Dochter Irmy van de onderduikgevers zal zich later herinneren dat Hilde flirtte met andere mannen en haar vader. Maar ze heeft er later begrip voor dat een onderduikster in haar eenzame situatie behoefte had aan afwisseling.

In de huiskamer staat een kast, van waaruit een luik in de vloer kan worden geopend, en zo kan in geval van nood een schuilplaats onder de vloer bereikt worden. De ruimte wordt vaak maar voor één tot drie nachten gebruikt. Onder meer voor een joods artsenechtpaar met kind, dat daarna enige tijd op de bovenverdieping van Aristoteleslaan 29 verblijft.

Na de bevrijding vestigt het joodse gezin zich in Zwitserland. Er is nog contact.

Tweelingzus Lotte Lehmann van onderduikster Hilde heeft Theresienstadt overleefd en komt op verhaal in het huis op Aristoteleslaan 29. Volgens haar juiste archiefkaart in het Stadsarchief van Amsterdam gaat Hilde zelf in augustus 1945 naar Dennenweg 18, om in december terug te keren naar Amsterdam, waar haar echtgenoot woont. Op 21 januari 1949 volgt een scheiding. Hilde Lehmann keert in 1979, 71 jaar oud, terug naar Duitsland, naar een seniorenvoorziening in Kronberg.

Jan Bronkhuijzen overlijdt op 10 juli 1947, pas 54 jaar oud. Zijn nazaten houden het voor mogelijk dat de spanningen tijdens de bezetting daarbij een rol hebben gespeeld.

Anno 2019 woonde zijn inmiddels overleden dochter Irmy Miller-Bronkhuijzen (toen 92) nog op het voormalige onderduikadres en zijn de sporen van onderduikvoorzieningen nog enigszins zichtbaar.

Bronnen:

  • Mededelingen van Irmy Miller-Bronkhuijzen en Elies Miller
  • Stadsarchief Amsterdam, indexen, archiefkaarten voor Hilde Lehmann (vervalst respectievelijk juist) en David Jakob Neter
  • ITS Arolsen, digitale collecties, Joodse Raad-kaarten voor Hilde Lehmann (2 exemplaren) en David J. Neter

1. Aristoteleslaan 29

2. Irmgard Ziller met haar twee dochters

3. Jan Bronkhuijzen