Dit bericht beschrijft een adres in Zeist waar tijdens de bezetting een of meerdere joodse onderduikers verbleven. Een overzicht van dergelijke adressen en de daar geregistreerde onderduikers is te vinden via bekende onderduikadressen.

Wie weet meer? Suggesties voor correctie, wijziging en aanvulling kunnen doorgegeven worden via het contactformulier op deze site.

(Zie het Onderduikboek, pagina’s 265-268)

Meerdere onderduikers, waarvan in verklaringen de volgende personen genoemd worden:

  • Ernst Cohn, bedrijfsleider (Lübeck-Duitsland, 29 december 1893 – Amsterdam, 28 augustus 1976)
  • echtgenote Elly Margarete Luise Cohn-Blumenthal (Lübeck-Duitsland 11 juni 1896 – Hilversum, 4 januari 1978)
  • ‘Juultje Veraart’. Geen nadere gegevens bekend
  • Leon Monas (Rotterdam, 21 juni 1940)
  • Heinrich Schussheim, uitgever, grossier, directeur NV (Leipzig, 12 februari 1910 – Zuid-Afrika, 1985)
  • echtgenote Helga Schussheim-Assuschkewitsch (Leipzig, 22 februari 1911 – Amsterdam, 6 september 1972)
  • zoon Hans Peter Schussheim (Amsterdam, 31 december 1932 – Den Haag, 30 januari 1974)
  • Joodse man. Geen nadere gegevens bekend

Onderduikgevers:

  • Antoon Johan Marinus Lingeman, onderwijzer (Arnhem 16 maart 1910 – Den Haag, 18 augustus 1972), en
  • echtgenote Margaretha Angelita Lingeman-Esmeijer (Elst, 2 februari 1911 – Den Haag, 28 mei 1993)

Drie kinderen (1937, 1938 en 1939)

Antoon Lingeman is onderwijzer bij de Zeister Schoolvereeniging. Hij heeft tot juni 1941 Nederlandse les gegeven aan joodse vluchtelingen in een kamp in de Wieringermeer. Als de joodse leerlingen op 1 september 1941 van de Zeister Schoolvereeniging af moeten, blijft Lingeman ze nog een tijd privéles geven.

Hij neemt zelf in de zomer van 1942 een joodse man in zijn huis op. Het zal niet lang daarna zijn dat hij intensief betrokken raakt bij de hulp aan joodse onderduikers. Op een dag wordt het leerlingetje Eefje Meyer tijdens het speelkwartier aangesproken door twee soldaten. Ze beweren dat het meisje joods is, omdat ze donker haar heeft. Lingeman loopt er meteen naar toe en maakt flink stampij, daarbij heftig bestrijdend dat Eefje joods is. De soldaten druipen af. Na dit voorval bezoekt de onderwijzer de joodse ouders van Eefje in Huis ter Heide, het echtpaar Meyer-Durlacher. Dat bezoek markeert de start van intensieve onderduikershulp van het echtpaar Antoon en Greet Lingeman-Esmeijer.

Ze helpen niet alleen Eefjes ouders, maar ook vrienden van hen. Het staatloze en kinderloze echtpaar Ernst en Elly Cohn-Blumenthal is begin april 1938 van hun geboorte- en woonplaats Lübeck naar Amsterdam gevlucht. In juli 1943 hebben ze besloten om onder te duiken. Zo zijn ze terechtgekomen bij echtpaar Meyer-Durlacher, waarvan de echtgenote niet geregistreerd staat als joods. Maar dat is niet veilig, want er kan gezocht worden naar Hans Meyer, en daarom neemt het echtpaar Lingeman-Esmeijer hen in huis. Daar zullen ze tot de bevrijding blijven, via het Zeister gemeentehuis ‘gelegaliseerd’ als ‘Ernst Colm’ en ‘Elly Margarethe Luise Colm-Nethe’ (overigens op Acacialaan 4).

Ook het joodse gezin Henk (Heinrich) Schussheim, Helga Schussheim-Assuschkewitsch en zoontje Hans Peter vindt onderduik in huize Lingeman-Esmeijer. Het gezin wordt geholpen door de illegaal werker Eduard Althoff. Ze zijn eerst ondergedoken in Amsterdam, onder de valse namen ‘Hendrik Jacobus en Helga van Soest-Aeschli’ en zoontje ‘Pieter van Soest’. Op 1 juli 1943 worden ze in het bevolkingsregister van Zeist onder die valse namen geregistreerd op Acacialaan 2. In maart 1944 zal het echtpaar Schussheim-Assuschkewitsch ondergebracht worden op Louise de Colignyplein 11. ‘Pieter van Soest’ zal dan ondergebracht worden bij een boer in het dorpje Anerveen nabij het Overijsselse Gramsbergen. (Jaren na de bevrijding zal hij terugkeren in Zeist. Hij is dan arts en gaat van 7 augustus 1962 tot 8 augustus 1963 wonen op Professor Lorentzlaan 76, het adres van het ziekenhuis.)

Antoon Lingeman geeft aanvankelijk les aan joodse kinderen die niet naar school kunnen gaan en zoekt later met zijn echtgenote Greet naar onderduikadressen. Vooral voor kinderen? Ze laten de gegevens van de onderduikers in het bevolkingsregister wijzigen en brengen ze zelf van het ene adres naar het andere.

Zo zouden circa 15 joodse kinderen door het echtpaar ondergebracht zijn in kindertehuis Zonneschijn, op Oranje Nassaulaan 71.

Dat zijn deels kinderen van joodse Zeistenaren die zelf ook onderduiken. Via de illegale werker Wim Walraven op de gemeentesecretarie is contact gelegd met Antoon Lingeman en zo belanden Ruth Cahen, Leon Monasch en Mischa en Eli Namenwirth in Zonneschijn.

Maar ook kinderen van elders worden ondergebracht in het tehuis, zoals Inge Leers en haar broer Peter. Ze zijn waarschijnlijk omstreeks augustus 1942 verdwenen uit Soest. Antoon heeft er voor gezorgd dat hun gegevens in het Soester bevolkingsregister veranderd zijn, zodat de kinderen als niet-joods een relatief normaal leven kunnen leiden. Hij zorgt er ook voor dat Peter een dringend noodzakelijke operatie aan zijn rug kan ondergaan. De beide kinderen zullen de bezetting overleven.

Overigens is het echtpaar Lingeman-Esmeijer er niet van op de hoogte dat sommige kinderen het bar slecht hebben in Zonneschijn. Bovendien wordt het kindertehuis op 24 februari 1944 overvallen, waarbij vier joodse kinderen en een joodse medewerkster worden gearresteerd. De meeste joodse kinderen ontkomen omdat de overval tijdens de middagpauze plaatsvond en de van school terugkerende kinderen zouden gewaarschuwd zijn. Had Antoon Lingeman, die gebeld was, ze opgepikt of waren ze teruggelopen naar school?

Een aantal kinderen wordt, al voor de inval, door het echtpaar Lingeman-Esmeijer ondergebracht bij particulieren, zoals de 2-jarige Leon Monasch. Die is al in de herfst van 1942 ondergebracht bij Sina van Ouwerkerk in Driebergen. Als het jongetje verraden wordt, ligt hij met angina op bed. Lingeman en de Zeister huisarts Kamerling laten hem opnemen in het Lorentz-ziekenhuis. De onderduikgeefster moet zich van de Sicherheitspolizei met het kind melden zodra dat beter is. Als in het ziekenhuis bekend wordt dat het patiëntje joods is, haalt Sina van Ouwerkerk hem weg. Ze brengt hem naar Noord-Brabant – hij zal de bezetting overleven. Vervolgens vraagt Lingeman aan Sina of zij zijn drie jonge kinderen en onderduikers wil verzorgen. Daar stemt ze mee in en dan wordt ze op het Zeister gemeentehuis ‘gelegaliseerd’ op Acacialaan 2a. Zelf zijn de Lingemans namelijk vaak van huis voor hun illegaal werk.

Het joodse meisje ‘Juultje Veraart’ komt ook tijdelijk op Acacialaan 2a terecht. Mogelijk gaat het – ondanks een leeftijdsverschil van enkele jaren – om de nieuwe identiteit van Juultje de Hond die later slachtoffer zal worden van de Holocaust.

Zelf zou Antoon Lingeman ernstig gevaar hebben gelopen omdat een illegaal werker uit Zeist na arrestatie in het Zuiden bij zware verhoren zijn naam zou hebben prijsgegeven. Maar het blijft zonder gevolgen.

Dankzij de vindingrijkheid en moed van Antoon en Greet Lingeman-Esmeijer overleven meerdere joodse onderduikers de oorlog. In haar boek ‘Het Zeister verzet’ schrijft Annemiek Bal over de groep-Lingeman die 100 onderduikers zou hebben verzorgd. Niet bekend is hoe dat aantal becijferd is en wie tot die groep behoord zouden hebben. Mogelijk wordt gedoeld op enkele middenstanders aan de Steijnlaan, waarmee Lingeman goede contacten heeft. Dat zijn het kruideniersechtpaar Jo en Mies Isiger-Biezen, drogist Willem van Milligen en slager Jan Pos.

Vast staat dat Antoon Lingeman en echtgenote Greet belangrijke illegale werkers zijn geweest. De status van Lingeman – verzetsnaam ‘Eddy’ – blijkt als hij begin 1945 benoemd wordt tot districtscommandant van de Binnenlandse Strijdkrachten.

In het naoorlogse Nederland verdampen zulke verdiensten snel, hoe groot ze ook zijn. Dat wordt in het geval van Antoon Lingeman treffend geïllustreerd door een opmerking van een van zijn voormalige leerlingen op de Neutrale Schoolvereniging in Den Haag. Hij is vrij snel na de bevrijding benoemd tot hoofd van die school en een oud-leerlinge schrijft in 2014 in een Haags periodiek over haar vroegere onderwijzer in relatie met zijn illegaal werk: ‘Ook ons nieuwe schoolhoofd, de heer Lingeman, had duidelijk aan de goeie kant gestaan. Het was een aardige man, maar aan de geloofwaardigheid van zijn talrijke verhalen over zijn vriendschap met prins Bernhard werd ernstig getwijfeld. We hadden de oorlog overleefd en de Hongerwinter. Je kon ons, twaalfjarigen, niet meer van alles wijsmaken.

Maar Antoon en Greet Lingeman-Esmeijer hoeven niets meer te bewijzen. Beiden zijn onderscheiden voor hun illegale werk. Greet Lingeman-Esmeijer heeft zelfs het Verzetsherdenkingskruis gekregen en op 16 februari 1970 is ze met haar echtgenoot door Yad Vashem erkend als Rechtvaardigen onder de Volkeren.

Bronnen:

  • Mededelingen van Ruth Meyer
  • ‘Rechtvaardigen onder de volkeren, Nederlanders met een Yad Vashem-onderscheiding voor hulp aan joden’, Uitgeverij L.J. Veen in samenwerking met het NIOD, 2004/2005, Reddingsverhaal Yad Vashem voor Antoon Johan Marinus en Margaretha Angelita Lingeman-Esmeijer
  • Annemiek Bal, ‘Het Zeister verzet’, 58, 63, 78, 86
  • Gemeentearchief Zeist, 1499-1500, register van illegalen, valse persoonsregistraties voor ‘Sina van Ouwerkerk’, ‘Ernst en Elly Margarethe Luise Colm-Nethe’, ‘Juultje Veraart’, ‘Hendrik Jacobus en Helga van Soest-Aeschli’ en Pieter van Soest’
  • Zie de valse registraties van Ernst Cohn op Acacialaan 4 en Professor Sproncklaan 28
  • Bert Jan Flim, ‘De verborgen generatie’, Amphora Books, Amsterdam, 2025, 388
  • Stadsarchief Amsterdam, indexen, archiefkaarten voor Heinrich Schussheim, Helga Schussheim-Assuschkewitsch en Hans Peter Schussheim
  • Zie het bewezen onderduikadres Louise de Colignyplein 11 (echtpaar Schussheim-Assuschkewitsch)
  • Zie het bewezen onderduikadres Oranje Nassaulaan 71, kindertehuis Zonneschijn
  • ‘Oud-Hagenaar, dé krant voor de 50-plusser’, van 4 februari 2014, ingezonden artikel van oud-leerlinge van Anton Lingeman

1. Acacialaan 2a

2. Leraar en leerlingen van De Zeister Schoolvereeniging

3. Anton en Greet Lingeman-Esmeijer

4. Persoonsbewijs van Anton Lingeman

5. Valse persoonsregistratie voor Juultje Veraart

6. Valse persoonsregistratie voor Ernst Cohn

7. Valse persoonsregistratie voor Elly Margarete Luise Cohn-Blumenthal

8. De oproep voor Henk Schussheim voor de Arbeitseinsatz (Anne Frank stichting)

9. De valse registratie van Helga Schussheim-Assuschkewitsch in het bevolkingsregister van Zeist

10. De valse registratie van Heinrich Schussheim in het bevolkingsregister van Zeist

11. De valse registratie van Peter Hans Schussheim in het bevolkingsregister van Zeist